Verkiezingen 2006: defederalisering van de gezondheidszorg

ASGB-BERICHT 2006.165

ASGB-bericht2006.165/Verkiezingen 2006: Defederalisering van de gezondheidszorg - 25 augustus 2006 Artsenverkiezingen 2006.6 KARTEL (ASGB/GBO) *Defederalisering van de gezondheidszorg is voor het ASGB geen doel op zich. Ze kan wel een middel zijn om andere doelstellingen beter te kunnen realiseren: coherent en performant beleid, eerlijke verdeling van de middelen, eigen beleidsaccenten die het best tegemoet komen aan de behoeften van de bevolking. Het ASGB blijft er ook in een eventueel gedefederaliseerd systeem voor pleiten om de solidariteit met Franstalig België te behouden. Op gebied van beroepsverdediging zitten we met onze Franstalige partner, het GBO, volledig op dezelfde lijn. De versnippering van bevoegdheden is storend en wettigt een bundeling op één niveau. Zo is de scheiding tussen curatieve en preventieve zorg volledig artificieel en soms contraproductief. Dat de bouw van ziekenhuizen door de Gemeenschappen gefinancierd wordt en de exploitatie door de federale overheid is al even onorthodox. Dat de controle op de door de federale overheid opgelegde erkenningsnormen gebeurt door inspecteurs van de Gemeenschappen wekt ook al niet veel vertrouwen. Maar op éénzelfde niveau kunnen evenzeer versnipperde bevoegdheden bestaan die een performant beleid in de weg staan, denk maar aan de gebrekkige uitwisseling van gegevens tussen het RIZIV en de FOD Volksgezondheid. Een transparante en eerlijke verdeling van de middelen is in vele domeinen nog niet gerealiseerd. De regionale verschillen in bv. medische beeldvorming, pre-operatieve onderzoeken of geneesmiddelenverbruik blijven aanzienlijk. De herziening van de forfaitaire honoraria in de klinische biologie die het ASGB enkele jaren geleden bekomen heeft met de hulp van minister Vandenbroucke, was een majeure correctie van een mistoestand die al 20 jaar bestond. De toepassing van de referentiebedragen en de forfaitarisering van het geneesmiddelenverbruik in de ziekenhuizen zijn stappen in de goede richting, hoewel technische onvolkomenheden bij de uitwerking storend blijven. In andere domeinen zoals het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen, of het ambulante geneesmiddelenverbruik, of de forfaitaire honoraria in de medische beeldvorming moet de gelijkschakeling nog beginnen. Eigen beleid blijft een belangrijk argument tot defederalisering, in de veronderstelling dat de behoeften van de bevolking op 50 km afstand inderdaad zo sterk zouden verschillen. Naarmate de problemen van het huidige bestel blijven aanslepen zal de vraag naar defederalisering alleen maar sterker worden.

2026.090

Nieuwe criteria voor zorgprogramma’s beroertezorg

 

Op 24 juli 2026 werd een KB gepubliceerd i.v.m. de erkenningsnormen voor het zorgprogramma beroertezorg en de programmatie- en erkenningscriteria voor het zorgprogramma acute beroertezorg met invasieve procedures.

Het gaat om een nieuwe poging na voorafgaande vernietiging door de Raad van State, in een dossier dat al meer dan 10 jaar aansleept.

Het nieuwe KB, dat in voege treedt op 3 augustus 2026, hanteert als eerste basisprincipe het volgende minimale activiteitsniveau:

2026.089

Ambulante code van polysomnografie geschrapt vanaf 01/09/2026

 

Op 24 juli 2026 werd een KB gepubliceerd dat een besparingsmaatregel in de inwendige geneeskunde doorvoert: het schrappen van de ambulante code van polysomnografie.

Het realiseren van een ambulante polysomnografie wordt immers in strijd geacht met de regels inzake de fysieke aanwezigheid van de arts zoals bepaald in artikel 1 van de nomenclatuur.

De verstrekking mag dus niet meer reglementair aangerekend worden.

Dit gaat in vanaf 1 september 2026.

2026.088

Nieuwe verstrekking klinische biologie (m.b.t. albuminurie) gepubliceerd

 

Op 10 juli 2026 werd een KB gepubliceerd dat een nieuwe verstrekking invoert vanaf 1 september 2026: ‘doseren van albumine door een immunologische methode evenals creatinine inclusief de berekening van de albumine-creatinine-ratio’.

Dit was al voorzien in het akkoord 2024-2025.

De specifieke doelgroep wordt omschreven en de frequentie wordt beperkt tot 1x per jaar.

Indien correct gebruikt, dan kan dit een belangrijke preventieve maatregel betekenen.

Voor diabetespatiënten was er al een verstrekking beschikbaar.