Interpretatieregel chronische pijn

ASGB-BERICHT 2007.098

ASGB-bericht2007.098/Interpretatieregel chronische pijn - 24 mei 2007

 

Geachte Collega,

 

Op verzoek van een lid legden we volgende vraag i.v.m. de facturatie van chronische pijn prestaties voor aan het Riziv.

Het antwoord vindt u ingelast in de tekst.

 

met collegiale groeten, het ASGB-bestuur

 


Geachte Collega,

 

Mag ik uw advies vragen over volgende vragen?

 

Het betreft het nomenclatuurnummer 201272; K30 + het (de?) bijbehorende forfait(s).

 

Dit nummer wordt door sommige pijntherapeuten o.m. gebruikt voor therapeutische epidurale en (trans)foraminale infiltraties.

Er is betwisting over welke forfaits daghospitaal daarbij mogen worden aangerekend.

Een maxiforfait mag volgens Riziv-inspecteurs bij dit nummer alleen aangerekend worden i.g.v. een algemene anesthesie.

Indien er geen algemene anesthesie uitgevoerd wordt zou alleen een miniforfait mogen aangerekend worden.

 

Er blijft echter verwarring over het aanrekenen van een toezichtshonorarium 598124 (voor geaccrediteerde arts) bij het nummer 201272. Ook is er onduidelijkheid over welk forfait mag aangerekend worden bij dit nummer indien er contrastmiddel gebruikt wordt.

 

Over deze problematiek zou ik u 3 vragen willen stellen:

1. Wanneer het nummer 201272 gebruikt wordt als anesthesienummer bij een chirurgische procedure, mag hiervoor dan een maxiforfait aangerekend worden? Ook wanneer die bv. onder epidurale anesthesie gebeurt? Er kan enkel een maxiforfait worden aangerekend in geval van algemene anesthesie ! De probematiek zal vanaf 1/7/2007 worden opgevangen door het voorstel van specifieke financiering van de pijnbehandeling in het kader van het dagziekenhuis (2 specifieke forfaits).

 

2. Mag voor een epidurale (of foraminale) infiltratie een maxiforfait aangerekend worden wanneer ook een contrastmiddel gebruikt wordt? zie 1.

 

3. In geval een infiltratie onder het nummer 201272 gepaard gaat met een maxiforfait, mag dan ook een toezichtshonorarium 589124 aangerekend worden (voor een geaccrediteerde arts)? Vermits in geval van epidurale of transforaminale infiltratie onder het nummer 201272 geen maxiforfait kan aangerekend worden kan ook geen toezichtshonorarium 598124 voor de geaccrediteerde arts worden aangerekend

Het toezichtshonorarium 598124 kan wel aangerekend worden in geval een maxiforfait kan worden aangerekend (bij 201272, in geval van algemene anesthesie).

 
Dank op voorhand, Dr. Robert Rutsaert

 
Geachte dokter,
Hierna vindt u de antwoorden op uw e-mail van 10 mei j.l.
Met vriendelijke groeten.
Marleen Vandekerkhof

Voor de Leidend ambtenaar / Pour le Fonctionnaire dirigeant,

H. DE RIDDER,

Directeur-generaal / Directeur général,

 

2026.090

Nieuwe criteria voor zorgprogramma’s beroertezorg

 

Op 24 juli 2026 werd een KB gepubliceerd i.v.m. de erkenningsnormen voor het zorgprogramma beroertezorg en de programmatie- en erkenningscriteria voor het zorgprogramma acute beroertezorg met invasieve procedures.

Het gaat om een nieuwe poging na voorafgaande vernietiging door de Raad van State, in een dossier dat al meer dan 10 jaar aansleept.

Het nieuwe KB, dat in voege treedt op 3 augustus 2026, hanteert als eerste basisprincipe het volgende minimale activiteitsniveau:

2026.089

Ambulante code van polysomnografie geschrapt vanaf 01/09/2026

 

Op 24 juli 2026 werd een KB gepubliceerd dat een besparingsmaatregel in de inwendige geneeskunde doorvoert: het schrappen van de ambulante code van polysomnografie.

Het realiseren van een ambulante polysomnografie wordt immers in strijd geacht met de regels inzake de fysieke aanwezigheid van de arts zoals bepaald in artikel 1 van de nomenclatuur.

De verstrekking mag dus niet meer reglementair aangerekend worden.

Dit gaat in vanaf 1 september 2026.

2026.088

Nieuwe verstrekking klinische biologie (m.b.t. albuminurie) gepubliceerd

 

Op 10 juli 2026 werd een KB gepubliceerd dat een nieuwe verstrekking invoert vanaf 1 september 2026: ‘doseren van albumine door een immunologische methode evenals creatinine inclusief de berekening van de albumine-creatinine-ratio’.

Dit was al voorzien in het akkoord 2024-2025.

De specifieke doelgroep wordt omschreven en de frequentie wordt beperkt tot 1x per jaar.

Indien correct gebruikt, dan kan dit een belangrijke preventieve maatregel betekenen.

Voor diabetespatiënten was er al een verstrekking beschikbaar.