Persmededeling: ZIV-begroting 2008

ASGB-BERICHT 2007.194

Het ASGB stelt met tevredenheid vast dat de begroting van de ziekteverzekering (geneeskundige verzorging) voor 2008 unaniem werd goedgekeurd.

Mede dankzij de druk van het ASGB werden bijkomende middelen voorzien voor de artsenhonoraria.

Het ASGB blijft zich de vraag stellen of het zin heeft om hoge bijkomende provisies aan te leggen wanneer er een overschot gerealiseerd is en nog voorzien wordt.

 

Het ASGB is van mening dat de extra middelen bij voorrang moeten aangewend worden voor belangrijke noden en behoeften die nog niet aangehaald gerealiseerd werden:

 

1.           Verdere uitbouw van de financiële en structurele omkadering van de huisarts.

 

2.      Een versnelde herijking van de erelonen: huisartsen, psychiaters, kinderpsychiaters, hematologen, endocrinologen, pediaters, geriaters, oncologen, reumatologen. De voorziene 7 miljoen euro voor de psychiatrie is goed maar onvoldoende.

 

3.            De ziekenhuisraadpleging moet voor alle disciplines extra gehonoreerd worden om de vlucht van specialisten uit het ziekenhuis te stoppen (cfr. pediatrie) en om te vermijden dat minder gekwalificeerde artsen de continuïteit in het ziekenhuis zullen moeten waarborgen.

 

4.           Het Riziv-sociaal statuut voor artsen moet verhoogd worden: het huidig bedrag is te laag om datgene te realiseren waarvoor het sociaal statuut initieel geconcipieerd werd, nl. een tegenprestatie leveren tegenover de artsen die zich er toe verbinden om aan conventietarieven te werken. Er zijn reeds drie disciplines waar meer dan 50% der artsen gedeconventioneerd is. Dit dreigt nog toe te nemen waardoor de tariefzekerheid in het gedrang kan komen. Bovendien is er nooit een compensatie geweest voor het opgelegde verlies aan supplementen in 2-persoonskamers, op spoedopname en op intensieve zorg. Een verhoging van het sociaal statuut komt tegemoet aan de terechte eis van de artsen voor een betere sociale bescherming.

 

5.    Uitbreiding van  maatregelen die een geëchelonneerd gebruik van de zorg en het volgen van zorgtrajecten stimuleren; dit moet het adequaat gebruik van aangeboden zorg stimuleren.

 

6.    De onderfinanciering van de ziekenhuizen wordt nog steeds onvoldoende gecorrigeerd: dit heeft zeker een effect op het zorgaanbod in de  ziekenhuizen. Daarbij moet bij iedere investering in de ziekenhuissector, nauwlettend toegezien worden dat de druk op de honoraria van de artsen ook effectief vermindert. 

 

Het ASGB pleit er voor dat het te onderhandelen akkoord artsen-ziekenfondsen extra aandacht moet besteden aan de naar voor gebrachte probleemgebieden.

 

Het ASGB-bestuur

 

2026.090

Nieuwe criteria voor zorgprogramma’s beroertezorg

 

Op 24 juli 2026 werd een KB gepubliceerd i.v.m. de erkenningsnormen voor het zorgprogramma beroertezorg en de programmatie- en erkenningscriteria voor het zorgprogramma acute beroertezorg met invasieve procedures.

Het gaat om een nieuwe poging na voorafgaande vernietiging door de Raad van State, in een dossier dat al meer dan 10 jaar aansleept.

Het nieuwe KB, dat in voege treedt op 3 augustus 2026, hanteert als eerste basisprincipe het volgende minimale activiteitsniveau:

2026.089

Ambulante code van polysomnografie geschrapt vanaf 01/09/2026

 

Op 24 juli 2026 werd een KB gepubliceerd dat een besparingsmaatregel in de inwendige geneeskunde doorvoert: het schrappen van de ambulante code van polysomnografie.

Het realiseren van een ambulante polysomnografie wordt immers in strijd geacht met de regels inzake de fysieke aanwezigheid van de arts zoals bepaald in artikel 1 van de nomenclatuur.

De verstrekking mag dus niet meer reglementair aangerekend worden.

Dit gaat in vanaf 1 september 2026.

2026.088

Nieuwe verstrekking klinische biologie (m.b.t. albuminurie) gepubliceerd

 

Op 10 juli 2026 werd een KB gepubliceerd dat een nieuwe verstrekking invoert vanaf 1 september 2026: ‘doseren van albumine door een immunologische methode evenals creatinine inclusief de berekening van de albumine-creatinine-ratio’.

Dit was al voorzien in het akkoord 2024-2025.

De specifieke doelgroep wordt omschreven en de frequentie wordt beperkt tot 1x per jaar.

Indien correct gebruikt, dan kan dit een belangrijke preventieve maatregel betekenen.

Voor diabetespatiënten was er al een verstrekking beschikbaar.