Correctie spoedraadplegingshonoraria

ASGB-BERICHT 2008.234

berichten/1098-Bericht 234.zip



 

Geachte Collega,
 
In een vorig bericht meldden we u de enorme overschrijding in het budget van de spoedraadplegingshonoraria met 19 miljoen euro. In realiteit zou volgens sommigen de overschrijding nog groter zijn omdat blijkbaar een aantal ziekenhuizen hun spoedraadplegingen zijn blijven factureren onder de gewone raadplegingsnomenclatuur van art. 2. Er is al bij herhaling gemeld, ook in een recente omzendbrief, dat dit strikt verboden is.
 
Ik heb me de laatste jaren erg ingezet om deze ondergewaardeerde sector waar nauwelijks nog gegadigden voor te vinden zijn en waarvoor meestal beroep moest gedaan worden op interne solidariteit, op te waarderen (cfr. rapport werkgroep spoed- en urgentiegeneeskunde NCGZ-2004). Ik voel me dus ook sterk betrokken bij de opvolging van dit dossier.

Correctiemaatregelen waren niet te vermijden en een werkgroep kwam bijeen om de modaliteiten hiervan te bespreken. Ik heb me verzet tegen een lineaire maatregel als oplossing maar op korte termijn - de besparing moet voor 1 januari 09 gerealiseerd zijn- is er echt geen andere mogelijkheid dan het lineair wijzigen van de waarde van een sleutelletter. Elke andere structurele ingreep vergt een KB en de afwerking daarvan kan tot een jaar in beslag nemen. Ook in andere sectoren die hun budget aanzienlijk hebben overschreden worden correctiemaatregelen genomen (bv. anesthesie, risicotransfusie, ...).
 
De correctie in de spoedsector wordt gelukkig beperkt tot 7,5 miljoen euro. Als minst slechte oplossing zal maandag aan de NCGZ worden voorgesteld om de urgentiesupplementen op de A en de C-honoraria (590833 en 590855) vanaf 1/1/09 te schrappen. Niemand, ook ik niet, verwacht daarvoor applaus. Alternatieve én cumuleerbare maatregelen waren bv. om de index niet toe te kennen; om de urgentistenhonoraria en/of de C-honoraria lineair te verminderen of om de uitgaven van de C-honoraria te limiteren en te forfaitariseren tot op het oorspronkelijk geraamde percentage waardoor de medische raden en de hoofdgeneesheren dan voor de onmogelijke opdracht zouden staan om dit bedrag per ziekenhuis op een redelijke manier te herverdelen. De correctie treft +/- 1/3de van alle A en alle C-honoraria en treft de urgentisten en equivalenten zwaarder dan de andere specialisten, daar waar de overschrijding net het grootst was in de honoraria van de bijgeroepen specialisten met de u bekende enorme en moeilijk te verklaren, spreiding. Ik heb geëist en bekomen dat deze maatregel hoe dan ook afloopt op 31/12/2009 en dat tegen dan structurele en eerlijker maatregelen moeten getroffen zijn.
M.i. heeft de sector hierin nu zelf ook een verantwoordelijkheid te nemen. Nadat de misbruiken gecorrigeerd zijn (en pas dan) kan eventueel zelfs overwogen worden om in 2010 een bijkomend budget te voorzien indien er nog steeds een objectieve onderfinanciering zou worden vastgesteld. Er zijn namelijk aanwijzingen dat het totale aantal aanbiedingen op de spoedgevallen, op het ogenblik dat het budget werd opgemaakt, al hoger lag dan de gegevens die toen beschikbaar waren lieten veronderstellen.

 
Naast de vooropgestelde correctie krijgt de DGEC opdracht om de sector aan een grondig onderzoek te onderwerpen. Het IMA zal de analyse van de SM uitbreiden tot de leden van alle mutualiteiten en daarover rapporteren.  
 
Dit gaan nog moeilijke discussies worden waarvoor we ook de steun van artsen uit de sector zullen nodig hebben.
We willen u daarom vragen om alle artsen die in uw ziekenhuis bij de spoedopname betrokken zijn te overtuigen om lid te worden van het ASGB en om hieraan mee te werken. U kan hen dit bericht forwarden samen met het inschrijvingsblad met de lidgeldtarieven. Zou u ons het adres van deze collega's kunnen bezorgen zodat we hen ev. ook persoonlijk nog kunnen contacteren?
Zodra mogelijk zullen we op het ASGB voor de leden een brainstorming organiseren om het dossier verder voor te bereiden. Tegelijk kunnen dan nog andere problemen worden aangepakt zoals de onderwaardering van de accreditering van de urgentist, de diverse overgangsmaatregelen en de vergoeding van de intramurale permanentie.
 
met vriendelijke collegiale groeten,
 
Dr. Robert Rutsaert - Voorzitter.

2026.088

Nieuwe verstrekking voor expertise op afstand in de dermatologie en venerologie

 

Op 10 juli 2026 werd een KB gepubliceerd met nomenclatuur voor een nieuwe verstrekking voor expertise op afstand door een arts-specialist in de dermatologie en venerologie op vraag van de huisarts.

Het principe was al opgenomen in het akkoord 2022-2023 maar de uitwerking hiervan heeft heel wat voeten in de aarde gehad.

Het KB gaat in voege op 1 september 2026. 

Als bijlage bij dit bericht vindt u de integrale tekst ervan.

2026.086

Besparingsmaatregel inzake cardiale revalidatie vanaf 1 augustus 2026

 

Op 3 juli 2026 werd een KB gepubliceerd dat een besparingsmaatregel inzake cardiale revalidatie invoert vanaf 1 augustus 2026. Het gaat om een vermindering van de tarieven met 10%.

Deze maatregel werd niet besproken in de NCAZ of TGR maar werd ‘rechtstreeks’ beslist door het College van directeurs binnen het RIZIV.

De revalidatieverstrekkingen voor cardiale revalidatie die vóór 1 augustus 2026 verricht werden, kunnen evenwel nog aangerekend worden aan de tarieven die van toepassing zijn vóór 1 augustus 2026.

2026.085

Aanpassing patiëntengroepen laagvariabele zorg n.a.v. opsplitsing nomenclatuurnummer besnijdenis

 

Op 3 juli 2026 werd een KB gepubliceerd dat de patiëntengroepen voor de LVZ (laagvariabele zorg) wijzigt.

De aanleiding daartoe is het feit dat het nomenclatuurnummer voor de besnijdenis in twee afzonderlijke verstrekkingen werd opgesplitst sinds 1 juni 2026.

Als bijlage bij dit bericht vindt u de integrale tekst van het op 3 juli gepubliceerde KB.