Toetredingscijfers akkoord 2009-2010

ASGB-BERICHT 2009.056

 

 

Geachte Collega,

 

Tijdens de vergadering van de NCGZ van 2/3/09 werd akte genomen van de toetredingscijfers tot het nationaal akkoord 2009-2010.

Omdat zowel bij de specialisten als bij de huisartsen meer dan 50% is toegetreden en omdat in geen enkel arrondissement 40% weigeringen bereikt werd, treedt het akkoord in werking in alle arrondissementen van het Rijk (art. 50 van de gecoördineerde wet van 14-7-1994 betreffende de verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen).

Het akkoord wordt aanvaard met een zeer grote meerderheid van 83% van het corps, +/-2% minder dan vorig jaar.

 

Nadere analyse leert dat bij de huisartsen het toetredingspercentage  87% bedraagt, zelfs 91% in Vlaanderen en bijna 97% in Limburg!

T.o.v. het vorige akkoord betekent dit globaal een minimale stijging van de deconventie met +0,5% (88 koppen) en t.o.v. het akkoord 2005 een daling met -0,5%.Voor Vlaanderen apart is er een geringe daling zowel t.o.v. 2005 als 2007. De oproep tot deconventie van niet-representatieve groepen heeft dus in elk geval in Vlaanderen opnieuw geen enkel effect gehad, huisartsen weten waarom. Vanuit dezelfde hoek komt geregeld kritiek op het meetellen van niet-praktiserende algemeen geneeskundigen waardoor de toetredingpercentages zouden vertekend worden. Omdat die kritiek potentieel een grond van waarheid bevat vroegen we de laatste jaren aan het Riziv om de telling apart te doen voor geaccrediteerden. Voor die groep (9.856) ligt het deconventiecijfer lichtjes hoger (+/- 3%) zowel in Vlaanderen als in Wallonië. Zelfs in arrondissementen waar in het verleden deconventieproblemen waren of dreigden is er nu een hogere toetreding (Turnhout, Diksmuide, Dendermonde).

 

Bij de specialisten  bedraagt het toetredingpercentage +/-80%, iets lager in Vlaanderen en Brussel dan in Wallonië. Dit is een stijging met 2,5% (+718 koppen) t.o.v. het vorige akkoord.

Dit niettegenstaande de opwaardering van het sociaal statuut en de beperkingen op het aanrekenen van honorariasupplementen op tweepersoonskamers.

Mogelijk hebben de striktere criteria voor de partiële toetreding een aantal specialisten eerder tot volledige deconventie aangezet.

Verder drijven de afhoudingen op de honoraria in de ziekenhuizen meer en meer naar uitwijkmogelijkheden. Voor vele specialisten is het akkoord een virtueel akkoord omdat de brutohonoraria die onderhandeld werden vaak onmiddellijk afgeroomd worden en dus niet weerspiegeld worden in netto-opwaarderingen lokaal. Zoals reeds bij herhaling gemeld wordt het tijd dat de ziekenhuiswet, en i.h.b. art 140, herzien wordt.

In 4 disciplines is het aantal weigeringen nu hoger dan 50%: gynecologie, oftalmologie, dermatologie, plastische heelkunde; allemaal disciplines die zich tot ruime extramurale praktijk lenen. Dit betekent dat voor patiënten die deze disciplines raadplegen tariefzekerheid niet noodzakelijk nog gegarandeerd is. In de NCGZ worden dan ook vragen gesteld bij de recente, soms aanzienlijke, opwaarderingen die in een aantal van deze disciplines gerealiseerd werden.

In 3 disciplines zien we een stijging met meer dan 5% t.o.v. het vorige akkoord: gynecologie, orthopedie en reumatologie.

 

Onze vertegenwoordigers zijn al enkele weken ijverig aan het werk om de onderdelen van dit akkoord zo snel mogelijk operationeel te krijgen.

 

met collegiale groeten,

het ASGB-bestuur

 

 

Toetreding tot het akkoord artsen-ziekenfondsen 2009-2010

In de onderstaande tabellen vindt u het aantal en het percentage toetredingen en weigeringen tot het akkoord artsen-ziekenfondsen van 17 december 2008 per gewest .

Aantal artsen en aantal weigeringen van het akkoord

Aantallen

Huisartsen

Aantal

Huisartsen

Weigering

Specialisten

Aantal

Specialisten

Weigering

Totaal

Aantal

Totaal

Weigering

Brussels gewest

2200

501

3999

865

6199

1366

Vlaams gewest

9568

868

13190

2810

22758

3678

Waals gewest

6058

950

8121

1434

14179

2384

Totaal

17826

2319

25310

5109

43136

7428

 

Percentage toetredingen en weigeringen van het akkoord

Aantallen

Huisartsen

Toetreding

Huisartsen

Weigering

Specialisten

Toetreding

Specialisten

Weigering

Totaal

Toetreding

Totaal

Weigering

Brussels gewest

77,23

22,77

78,37

21,63

77,96

22,04

Vlaams gewest

90,93

9,07

78,70

21,30

83,84

16,16

Waals gewest

84,32

15,68

82,34

17,66

83,19

16,81

Totaal

86,99

13,01

79,81

20,19

82,78

17,22

 

 

2026.088

Nieuwe verstrekking voor expertise op afstand in de dermatologie en venerologie

 

Op 10 juli 2026 werd een KB gepubliceerd met nomenclatuur voor een nieuwe verstrekking voor expertise op afstand door een arts-specialist in de dermatologie en venerologie op vraag van de huisarts.

Het principe was al opgenomen in het akkoord 2022-2023 maar de uitwerking hiervan heeft heel wat voeten in de aarde gehad.

Het KB gaat in voege op 1 september 2026. 

Als bijlage bij dit bericht vindt u de integrale tekst ervan.

2026.086

Besparingsmaatregel inzake cardiale revalidatie vanaf 1 augustus 2026

 

Op 3 juli 2026 werd een KB gepubliceerd dat een besparingsmaatregel inzake cardiale revalidatie invoert vanaf 1 augustus 2026. Het gaat om een vermindering van de tarieven met 10%.

Deze maatregel werd niet besproken in de NCAZ of TGR maar werd ‘rechtstreeks’ beslist door het College van directeurs binnen het RIZIV.

De revalidatieverstrekkingen voor cardiale revalidatie die vóór 1 augustus 2026 verricht werden, kunnen evenwel nog aangerekend worden aan de tarieven die van toepassing zijn vóór 1 augustus 2026.

2026.085

Aanpassing patiëntengroepen laagvariabele zorg n.a.v. opsplitsing nomenclatuurnummer besnijdenis

 

Op 3 juli 2026 werd een KB gepubliceerd dat de patiëntengroepen voor de LVZ (laagvariabele zorg) wijzigt.

De aanleiding daartoe is het feit dat het nomenclatuurnummer voor de besnijdenis in twee afzonderlijke verstrekkingen werd opgesplitst sinds 1 juni 2026.

Als bijlage bij dit bericht vindt u de integrale tekst van het op 3 juli gepubliceerde KB.