Besparing forfaits hemodialyse
ASGB-bericht2005.037/ Besparing forfaits hemodialyse - 14 maart 2005 Geachte Collega, In het BS van 25.2.2005 verscheen een KB met een besparingsmaatregel (-2%) op de forfaits hemodialyse. met collegiale groeten, het ASGB-bestuur. ASGB-bericht2005.37bis Geachte Collega, Op vraag van een van onze leden deze verduidelijking. Deze door de Regering eenzijdig besliste besparing slaat alleen op de forfaits hemodialyse en niet op de honoraria. Deze forfaits worden onderhandeld in de Overeenkomstencommissie met de beheerders en niet in de medicomut, wat eigenlijk een aberratie is. De repercussie van deze besparing is inderdaad verschillend voor de centrumdialyse en de low care of peritoneale dialyse. Er gebeurt dus tegelijk stoemelings een beperkte en zeer tijdelijke rechtzetting van de communautaire transfers omdat de low care dialyse in Wallonië nog steeds veel minder verspreid is. Toch blijft dit alles maar morrelen in de marge en daarom zullen we eerstdaags ons vroegere voorstel over de capitatiefinanciering terug voorleggen aan de minister. Nog ter informatie: in de vergadering van de medicomut van 14/03/2005 werd een voorlopig principieel akkoord bereikt om de samenwerking huisarts-specialist voor een aantal zorgtrajecten uit te werken. Voorlopig werden op ons voorstel weerhouden: diabetes, chronische nierinsufficiëntie, en op voorstel van de Bvas: oncologie. COPD behoort ook nog tot de mogelijkheden. Initieel hadden we ook de reumatologie hierbij willen betrekken maar dit werd door de reumatologen afgewezen. Concreet: -de patiënt met een van deze pathologieën engageert zich t.o.v. zijn ziekenfonds en zijn behandelende huisarts en specialist om een bepaald zorgtraject te volgen. Hoe dit traject er moet uitzien is geen syndicale materie. De uitwerking hiervan laten we graag over aan de wetenschappelijke verenigingen van huisartsen en de betrokken specialisten (bv. vanaf een klaring van 60ml/min, minstens 1x consult bij een nefroloog; afspraken i.v.m. hepatitis vaccinatie, hypertensie behandeling, epo toediening, follow up, biochemische controles; enz...). -dit vereist een GMD bij de huisarts -aan de huisarts moet voor deze patiënten een verhoogd GMD-honorarium toegekend worden -de patiënt moet bij verwijzing naar de specialist kwijtschelding van het remgeld krijgen -voor patiënten in het zorgtraject zou de afschaffing van alle Bf-attesten een aanzienlijke administratieve vereenvoudiging betekenen; voor diabetes zou terugbetaling van de glucose strips bij de huisarts kunnen voorzien worden -aan de specialist zou bovenop zijn normaal (en binnenkort verhoogd) raadplegingshonorarium een verwijshonorarium moeten toegekend worden, per af te spreken periode bv. 1 jaar -er zou voor deze pathologieën best bijkomende navorming voorzien worden waarvoor dan als incentive een dubbel aantal accrediteringspunten zou kunnen gegeven worden. Let wel dit zijn de voorstellen van het ASGB (en GBO). Het valt nog te bezien in hoeverre de andere partners zullen bereid zijn ze te volgen. Binnen 1 maand zouden besluiten moeten worden neergelegd voor de voltallige medicomut. Uw opmerkingen en suggestieszijn welkom met vriendelijke groeten, Dr. Robert Rutsaert 17 FEBRUARI 2005. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 23 juni 2003 tot uitvoering van artikel 71bis , §§ 1 en 2, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994 (BS: 25/02/2005) ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Gelet op de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, inzonderheid artikel 71bis, §§ 1 en 2, zoals ingevoegd bij artikel 10 van de wet van 22 augustus 2002; Gelet op het koninklijk besluit van 23 juni 2003 tot uitvoering van artikel 71bis, §§ 1 en 2, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994; Gelet op het advies van de Overeenkomstencommissie tussen de verpleeginrichtingen en de verzekeringsinstellingen, gegeven op 7 december 2004; Gelet op het advies van het Comité van de verzekering voor geneeskundige verzorging van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering, gegeven op 20 december 2004; Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 5 januari 2005; Gelet op de akkoordbevinding van Onze Minister van Begroting van 28 januari 2005; Gelet op de hoogdringendheid, gemotiveerd door het feit dat de Ministerraad op zijn vergadering van 26 november 2004 in het kader van de opmaak van de begroting 2005 een besparingsmaatregel heeft goedgekeurd van 2 miljoen euro in de sector van de hemodialyse, en dit met ingang van 1 januari 2005. Om deze maatregel te realiseren werden aan het RIZIV een aantal adviezen gevraagd. Op 7 december 2004 werd een ontwerp van koninklijk besluit voor advies voorgelegd aan de Overeenkomstencommissie ziekenhuizen-verzekeringsinstellingen. Op 8 december 2004 heeft de Commissie voor begrotingscontrole haar advies gegeven. Het ontwerp werd op 13 december en op 20 december 2004 voor advies voorgelegd aan het Verzekeringscomité. Op 23 december 2004 werden de adviezen overgemaakt aan de Minister van Sociale Zaken die de voorstellen welke bij deze adviezen werden gevoegd heeft onderzocht en beslist heeft om rekening te houden met het alternatief voorstel dat werd geformuleerd door de Overeenkomstencommissie tussen de ziekenhuizen en de verzekeringsinstellingen. De hoogdringendheid wordt ingeroepen omdat de besparingsmaatregel die door de Ministerraad werd beslist in principe moet ingaan op 1 januari 2005 en aangezien dit koninklijk besluit niet met terugwerkende kracht kan in voege treden, elk uitstel van bekendmaking gepaard gaat met een besparingsverlies; Gelet op het advies 38.119/1 van de Raad van State, gegeven op 8 februari 2005, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State; Op de voordracht van Onze Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Artikel 1. In het koninklijk besluit van 23 juni 2003 tot uitvoering van artikel 71bis, §§ 1 en 2, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, wordt een artikel 1bis ingevoegd, luidende : « Art. 1bis. De forfaitaire bedragen voor hemodialyse zoals bepaald in uitvoering van artikel 1 worden tot 30 juni 2005 verminderd met 2 %. » Art. 2. Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt. Art. 3. Onze Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid is belast met de uitvoering van dit besluit. Gegeven te Brussel, 17 februari 2005. ALBERT Van Koningswege : De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, R. DEMOTTE