Persmededeling: echelonnering

ASGB-BERICHT 2006.080

TER INFORMATIE ASGB-bericht2006.80/Persmededeling: echelonnering - 25 april 2006 PERSMEDEDELING BVAS staat in de weg bij belangrijke vooruitgang naar shared-care Tijdens de vergadering van de Nationale Commissie Geneesheren-Ziekenfondsen van 24/4/06 stond een belangrijke vernieuwing in onze gezondheidszorg op de agenda. Het eindverslag van de werkgroep, die onder voorzitterschap van dr Philippe Vandermeeren (Kartel) een concreet voorstel had uitgewerkt inzake zorgtrajecten ten behoeve van patiënten die complexe verzorging nodig hebben, werd voorgesteld. Het betreft hier het invoeren in België van het systeem van "gedeelde zorg", waarvan men wereldwijd de grote voordelen begint in te zien bij het opvolgen van patiënten met een chronische complexe pathologie. Men was tijdens de werkzaamheden in de werkgroep, gedurende meer dan 2 jaar, tot een overeenstemming gekomen tussen alle partners: ziekenfondsen, RIZIV, nederlanstalige en franstalige diabetologen en nefrologen, vertegenwoordigers van ASGB en GBO, behalve met de BVAS. De BVAS, bij monde van dr Moens en dr Lemye, meende daarom de concrete voorstellen van de werkgroep in de vergadering van de NCGZ van 24/4/06 te moeten ridiculiseren en onder het mom van "teveel administratieve rompslomp" te moeten afschieten. Zij zijn daardoor verantwoordelijk voor het tegenhouden van een belangrijke vooruitgang. Het ASGB betreurt deze gang van zaken in hoge mate, want juist de zorgtrajecten zijn het middel bij uitstek om de huisarts zijn plaats (terug) te geven in de verzorging en begeleiding van zijn patiënten met een chronische aandoening. Dat dit aanleiding zou zijn tot teveel administratie is een drogreden. Het opstarten van een zorgtraject hoeft niet meer administratie te vragen dan b.v. het aanvragen van een palliatief forfait. Het ASGB constateert dat de BVAS in de loop van de werkzaamheden van de werkgroep geen enkel positief voorstel heeft gedaan, dat verder uitgewerkt had kunnen worden. Dit toont aan dat de BVAS zich niet bekommert om het functioneren van de huisarts. Een optimale moderne zorg voor de patiënt is blijkbaar evenmin hun prioriteit. Waarover gaat het precies? Het Nationaal akkoord geneesheren-ziekenfondsen 2006-2007 voorziet in het uitwerken van "zorgtrajecten ten behoeve van patiënten die complexe verzorging nodig hebben", bij patiënten die lijden aan diabetes type II en patiënten die lijden aan nierinsufficiëntie. De BVAS ondertekende mee dit akkoord. Hiervoor is per 1/7/2006 een bedrag van 7 miljoen EUR uitgetrokken. Voor patiënten met chronische aandoeningen - in een eerste fase diabetes type 2 ("ouderdomsdiabetes") en chronische nierinsufficiëntie- worden dan zorgtrajecten opgericht. D.w.z. op wetenschappelijke basis gestoelde afspraken tussen patiënt, huisarts en specialist om een optimale gecoördineerde zorg te verzekeren. De voordelen zijn legio: de patiënt is er van verzekerd dat hij volgens de meest recente stand van de wetenschap behandeld zal worden, waarbij huisarts en specialist zich complementair i.p.v concurrentieel zullen opstellen. Hij zal, indien noodzakelijk, voldoende snel naar een specialist verwezen worden en daarna terug verwezen worden naar zijn huisarts. Hij wordt vrijgesteld van een reeks administratieve beslommeringen, bij voorbeeld i.v.m.attestplichtige geneesmiddelen. Hij heeft recht op een verminderd remgeld (remgeld dient om onterechte vraag naar zorg af te remmen, terechte en aangewezen zorg moet integendeel worden aangemoedigd) of op bijkomende tegemoetkomingen, zoals de terugbetaling van glucose strips. Voor de nierpatiënten is bv. aangetoond dat in een dergelijk optimaal zorgtraject de overleving significant verbetert en tot 3 jaar uitstel van chronische dialyse kan betekenen. Aan een kostprijs van +/- 50.000 euro per jaar is het evident dat ook de gemeenschap er zijn voordeel bij doet. De huisarts en de specialist worden beloond met een jaarlijks forfaitair bedrag (75euro) voor het beheer van het dossier en het wederzijdse overleg en ondersteuning. Het is de bedoeling om de zorgtrajecten de volgende jaren progressief uit te breiden voor ziekten die hiervoor in aanmerking komen. Administratie? Voor het verwezenlijken van een zorgtraject is natuurlijk enige administratie nodig. Aan het begin van een traject is dat echter niet meer werk dan b.v. bij het aanvragen van een diabetespas, of het openen van een palliatief dossier. Daarna gaat het over de evidente administratie bij het opvolgen van een patiënt met chronische pathologie. het ASGB-bestuur

2026.044

Correcties op de nomenclatuur inzake rusthuisbezoeken gepubliceerd

 

Op 22 april 2026 zijn een aantal KB’s en een interpretatieregel gepubliceerd die de in 2024 nieuw ingevoerde nomenclatuur voor bezoeken in een WZC corrigeren. Het gaat m.a.w. om nomenclatuurnummer 106610 en aanverwanten.

Sommige aanpassingen betreffen eerder ‘teksttoilet’ van de in 2024 gepubliceerde KB’s (gebruik van de juiste terminologie) maar twee punten zijn dermate belangrijk dat we ze nog eens uitdrukkelijk vermelden.

Eén gaat over het GMD van een WZC-patiënt en het ander over het zgn. ongewoon bezoek.

 

2026.043

Nieuwe huisartsennomenclatuur voor palliatieve zorg vanaf 1 juni '26

 

Op 20 april 2026 zijn drie KB’s in het Staatsblad gepubliceerd over de ondersteuning van de huisarts m.b.t. palliatieve patiënten.

Er worden (vanaf 1 juni 2026) twee forfaitaire honoraria ingevoerd die het opstellen van een ACP (advanced care planning) aanvullen:

2026.042

Nog twee aanmeldmomenten in 2026 voor de New Deal

 

In 2024 startte een nieuw financieringsmodel voor de huisartsgeneeskunde, naast de betaling per prestatie en het forfaitaire systeem: de New Deal. Dit systeem houdt het midden tussen de twee bestaande systemen en bestaat uit drie financieringsstromen: betaling per prestatie, capitatiefinanciering en premies.

Indien u zich nog wil aanmelden in 2026 voor dit systeem, zijn er nog twee momenten waarop dat kan: