Overschrijding urgentiegeneeskunde

ASGB-BERICHT 2008.213

berichten/1076-Urgentiegeneeskunde-Tarification aux urgences 12112008.doc


Geachte Collega,



In  de NCGZ worden we geconfronteerd met een gigantische overschrijding van het budget dat voorzien was voor de opwaardering van de urgentiehonoraria.

Het  voorziene budget van 11,4 miljoen wordt met liefst 19 miljoen overschreden!  (totale uitgaven 30,4 miljoen o.b.v uitgaven eerste semester 2008).



-Het  oorspronkelijk  aantal  geraamde contacten op de spoed (2.448duizend, waarvan 93% raadplegingen en 7% bijgeroepen  specialisten) wordt zelfs niet

gehaald,  nl.  slechts 79%. Het aantal primaire contacten op de spoedopname lijkt  dus  eerder  af  te  nemen. Maar het aantal bijgeroepen specialisten

bedraagt 82% i.p.v. de geraamde18%.

Een   onderzoek   van  de  socialistische  landsbond  (zie  bijlage)  heeft aangetoond  dat  de spreiding van de individuele ziekenhuizen zeer groot is.  Het  gaat  van  0%  bijgeroepen  specialisten tot 100%! Deze enorme spreiding  kan  moeilijk  op  medische gronden verklaard worden, sommige ziekenhuizen  hebben  er  dus  blijkbaar  een  politiek  van  gemaakt om systematisch  2  honoraria  aan  te  rekenen. Men kan zich m.i. evenveel vragen  stellen bij de ziekenhuizen waar het blijkbaar nooit nodig is om een specialist bij te roepen.

-Het  aantal  supplementen  voor  dringende  prestaties ‘s nachts of in het weekend  werd  geraamd  op  34%,  het aantal gerealiseerde supplementen bedraagt  42%.  Voor  de  bijgeroepen  specialisten  bedraagt het aantal supplementen 39% van het aantal contacten.

-De  verdeling van het aantal consultaties tussen urgentisten, acutisten en BAG-artsen  werd  in  de  raming  berekend  op  32%,  34%  en  34%.  In de

gerealiseerde cijfers bedraagt de verhouding 68%, 10% en 22%, met dus een zeer  sterk  overwicht  van  de  urgentisten.  In  de geboekte gegevens 2de

semester  2007  bedroeg  het  aandeel  van  de  urgentisten  in  het aantal consultaties  nog  81%.  Het grote aandeel van de urgentisten in het aantal consultaties  heeft  waarschijnlijk  te  maken  met  de  overgangsregeling, waardoor  het  aan een aantal specialisten en GSO, die geen urgentist zijn, toch is toegelaten om de  honoraria voor urgentisten aan te rekenen. In zover  dit  het  geval is betreft het geenszins een misbruik, deze regeling werd  zo  door  de  minister  getroffen.  Indien,  zoals  verwacht wordt de overgangsperiode  met  2 tot 5 jaar zou verlengd worden (we hebben nog geen antwoord  hoe  de  minister  hierop zal  reageren) dan betekent dit dat de overschrijding  nog  enkele jaren structureel wordt. Uiteraard zal dit niet aanvaard worden en worden  correctiemaatregelen gevraagd.  Het  staat bovendien   vast   dat  in  een  aantal  ziekenhuizen  voor  verstrekkingen uitgevoerd  door  BAG-artsen  een  urgentistenhonorarium wordt aangerekend.

Allicht krijgt de DGEC een opdracht om dit verder uit te klaren.

-Het  aantal  consultaties  met verwijsbrief werd in de raming verrekend op 20%.  In  de  gerealiseerde cijfers bedraagt dit aandeel 32%. Dit is dus een duidelijke toename.

-De verhouding van  het aantal consultaties  bij  geaccrediteerde en niet-geaccrediteerde   spoedartsen werd geraamd  op 60/40 en wordt bevestigd door de  realiteit.  In de raming werd dezelfde verhouding gebruikt voor de bijgeroepen specialisten. In de realiteit bedraagt het aandeel van de geaccrediteerde bijgeroepen specialisten evenwel 85%.

-Tegelijk  met  de invoering van de nieuwe nomenclatuur werd er op gerekend dat het aantal gewone specialistische raadplegingen wat zou afnemen. Dat

   is  in  beperkte mate ook gebeurd, met een veel meer uitgesproken daling van het aantal dringende raadplegingen.

-Bij  de huisartsen is er een daling van het aantal dringende raadplegingen (-20%)  in  tegenstelling tot de gemiddelde jaarlijkse toename met 2% in de voorgaande jaren. Vrijwel zeker is dit dus het gevolg van het gebruik van de nieuwe nomenclatuur door de huisartsen met brevet acute geneeskunde in de spoedgevallendiensten, zoals trouwens al lang door de huisartsen   gevraagd  was.  Het  lager  dan  geraamde  aantal  primaire aanbiedingen en het  hoger dan geraamde aantal verwezen patiënten laat vermoeden  dat  er  in  totaal  alleszins  geen  verdere  toename is van activiteitsverschuiving  van  de  eerste  lijn naar de spoed. Het aantal dringende  huisbezoeken  stijgt  overigens  met  7%.  Het  totale aantal raadplegingen  bij  huisartsen  stijgt  licht (+0,7%) maar dat is dus na

   aftrek van alle raadplegingen door BAG-artsen.



Wij  kunnen onmogelijk aanvaarden dat de correctie  met een lineaire maatregel zou gebeuren. Verdere bespreking in de NCGZ volgt.



met collegiale groeten, Dr. Robert Rutsaert




2026.042

Nog twee aanmeldmomenten in 2026 voor de New Deal

 

In 2024 startte een nieuw financieringsmodel voor de huisartsgeneeskunde, naast de betaling per prestatie en het forfaitaire systeem: de New Deal. Dit systeem houdt het midden tussen de twee bestaande systemen en bestaat uit drie financieringsstromen: betaling per prestatie, capitatiefinanciering en premies.

Indien u zich nog wil aanmelden in 2026 voor dit systeem, zijn er nog twee momenten waarop dat kan:

2026.041

Launch event van boek “Breast Cancer, global quality care” op 13 juni 2026

 

Dit boek dat is gebaseerd op het werk van het International Congress of Breast Disease Centres, biedt een uitgebreid overzicht van hoe je, waar je ook woont, een borstkankercentrum kunt opzetten of verbeteren. 

Het is geschreven door een multidisciplinair team van meer dan 100 deskundigen uit 25 landen, waaronder Dr. Didier Verhoeven van AZ Klina.

2026.040

Symposium Medische Wereld op 9 mei 2026

 

Op zaterdag 9 mei vindt het 13de Symposium Medische Wereld plaats in Brussel.

De topics zijn: debat gezondheidszorg, ziekenhuishervorming, Keynote Alain Remue, Esthetische geneeskunde, levenseinde, masterclass communicatie, financiën, enz.

Ook vertegenwoordigers van ASGB/Kartel zullen present zijn.

Locatie : Faculteit Geneeskunde VUB, Laarbeeklaan 103, 1090 Jette
Tijdstip: 9 mei vanaf 9u30