Hoe zit het nog met de Kaderwet (nu de vakantie gedaan is…)?

2025.088

 

De Kaderwet van minister Vandenbroucke is nog niet van tafel, wel integendeel, ze zal ook niet van tafel verdwijnen. Toch zijn er al scherpe kantjes van de eerste ontwerpteksten afgevijld. En daar zit het weerwerk van de (echte) artsensyndicaten ongetwijfeld voor iets tussen.

  • * Zo werden de maxima van 125% en 25% inzake de ereloonsupplementen uit de tekst geschrapt. De invulling van concrete percentages wordt nu overgelaten aan het overlegmodel en gekoppeld aan de hervormingen van de ziekenhuisfinanciering en de nomenclatuur.
  • * Zo werd het schrappen van de partiële conventie ongedaan gemaakt. Partieel conventioneren zal dus mogelijk blijven en de voorwaarden ervoor kunnen binnen de Medicomut bepaald worden.
  • * Zo kunnen de syndicaten terug zelf voorwaarden in een akkoord opnemen om het op te zeggen. Bovendien werden de strenge modaliteiten voor een opzeg (twee keer 3/4 meerderheid) terug versoepeld.

 

Anderzijds zijn er ook nog knelpunten waar wij het zeer moeilijk mee blijven hebben.

  • * De minister beschikt nog altijd over veel te ruime mogelijkheden om zelf tarieven op te leggen, als het niet tot een akkoord komt, ook aan artsen die (zouden) deconventioneren. Deze mogelijkheden gaan verder dan onder de huidige wet. Bovendien vermeldt de huidige tekst nog altijd dat we onze index verliezen bij gebrek aan een akkoord.
  • * De geïntegreerde praktijkpremie voor huisartsen wordt gekoppeld aan de verplichting om te conventioneren. Nochtans heeft men ons toegezegd dat dergelijke koppeIing niet zou gebeuren, wanneer een premie dient om kwaliteit te belonen.
  • * Inzake het schorsen van het RIZIV-nummer zijn er weliswaar al veel zaken uit de teksten verdwenen maar toch gaat de huidige tekst nog te ver. De bedoeling, zo zegt men ons keer op keer, zou enkel zijn om dergelijke sanctie te vorderen voor wie in eerste instantie zijn administratieve boete niet betaalt. Die nuance vinden we echter niet terug in de wettekst (enkel in de zgn. memorie van toelichting).

 

Wij zullen vanuit ASGB/Kartel niet nalaten om verder op deze nagels te kloppen. Om te beginnen al op een overleg op het kabinet van morgen 3 september. De toekomst van een sterke medische sector mét een paritair en goed functionerend overleg staat immers op het spel.

Reacties

Om ons vrij beroep te vrijwaren dient bij deconventie geen enkele koppeling met conventie geformaliseerd te zijn. Als deconventie = conventie + 25% dan is dit per definitie conventie en is deconventie onbestaand. Meer nog, als de minister zelf tarieven kan opleggen is het theoretisch mogelijk dat hij de huidige conventie - 20% doet zodat wij als gedeconventioneerde niet verder geraken dan conventie -20%+25% = conventie +5% en geraken we niet uit de kosten. Het belangrijkste voordeel van conventie als arts is het apart pensioenpotje van 5000€. Als gedeconventioneerde dit bedrag benaderen kost al snel 15000€ aan middelen (werd voorgerekend voor mij destijds).

Het intrekken van ons riziv nummer door een ambtenaar is not done. Dit vereist extra administratie bij de overheid en dus extra kosten en is onnodig omdat er al een alternatief circuit bestaat via de Orde. Ernstige fraude is bovendien een vage beladen term en kan voor veel problemen en frustraties zorgen.

De rest van de kaderwet lijkt me minder gevaarlijk en te bespreken.

BART LELIE

Reactie toevoegen

Platte tekst

  • Geen HTML toegestaan.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
CAPTCHA
asgb omgekeerd
Deze vraag is om te controleren dat u een mens bent, om geautomatiseerde invoer (spam) te voorkomen.
2026.048

Nieuwe vergoedingsregels bij radiofrequente ablatie van schildklierpathologie

 

Op 4 mei 2026 werd een Ministerieel Besluit gepubliceerd i.v.m. de tegemoetkoming voor invasieve hulpmiddelen bij radiofrequente ablatie van schildklierpathologie.

Het besluit bevat criteria die gelden voor de verplegingsinrichting, voor de patiënt en voor het hulpmiddel zelf.

Daarnaast bevat het regels over de attestering en de aanvraagprocedure.

Het besluit is in voege getreden op 1 april 2026. 

In de pdf als bijlage bij dit bericht vindt u de tekst ervan. 

2026.047

Nieuwe nomenclatuur i.v.m. spirometrie en ergospirometrie vanaf 1 juni 2026

 

Op 30 april 2026 werd een KB met besparingsmaatregelen i.v.m. spirometrie en ergospirometrie gepubliceerd.

Aanleiding was de vaststelling door de DGEC van een reeks niet-conforme aanrekeningen en cumuls (waarover ook heel wat discussie bestond).

Het Kartel heeft de aandacht gevestigd op de onderwaardering van de ergospirometrie en vroeg daarvoor een beperkt bijkomend budget in de behoeftenfiches voor 2026 (zie wordfile als bijlage bij dit bericht). 

We werden daarin echter niet gevolgd door de andere partners.

 

2026.046

Gewijzigde toepassingsregel in de klinische biologie vanaf 1 juni 2026

 

Op 30 april 2026 werd een KB gepubliceerd over een gewijzigde toepassingsregel in de nomenclatuur klinische biologie die in voege zal treden op 1 juni 2026.

Het gaat om de schrapping van de verstrekking 552016-552020 uit het cumulverbod van de verstrekking 557314-557325.

  • * 552016 552020 Opzoeken van infectieuze agentia met een immunologische techniek
  • * 557314 557325 Opsporen van minstens het SARS-CoV-2 virus door middel van een techniek van moleculaire amplificatie