Opinie : alle praktijkvormen zijn welkom in woorden, maar ook in daden?
Als ASGB/Kartel willen wij er staan voor de huisarts, in alle praktijkvormen. Zonder dubbele maatstaf en zonder voorkeur voor één organisatiemodel.
Dat hebben we altijd gezegd en daar hebben we ook altijd naar gehandeld.
Bij andere organisaties en bij de beleidsmakers wordt er daarentegen al eens met een dubbele tong gesproken als het over deze materie gaat.
Bestuurslid van ASGB, Dr. Arnout Van den Kieboom, heeft er op LinkedIn een stukje over geschreven dat we u niet willen onthouden (klik op lees meer).
Tijdens het eten van mijn boterhammen lees ik even door de medische pers. Twee artikels blijven op mijn maag liggen.
In het eerste (zie link onderaan) verklaart Roel Van Giel, voormalig voorzitter van Domus Medica en vandaag kabinetsadviseur, dat de overheid praktijkmodellen niet in een rangorde plaatst. Elke praktijkvorm heeft zijn plaats.
In het tweede (zie link onderaan) adviseert de Commissie voor de gezondheidszorgdoelstellingen om de praktijkpremie afhankelijk te maken van de interprofessionele samenstelling van het team.
Hoe geloofwaardig is keuzevrijheid als bestaande ondersteuning afhankelijk dreigt te worden van de manier waarop je je praktijk organiseert? Ik ervaar dagelijks de voordelen van onze multidisciplinaire praktijk. Maar dat type praktijk hoeft niet de norm te zijn: ook solo-artsen werken uitstekend samen. Samenwerkingskwaliteit lees je niet af uit een personeelslijst.
Van Giel erkent bovendien terecht hoeveel waardevolle huisartsenzorg buiten de raadpleging gebeurt. Telefonisch advies, overleg, opvolging achter de schermen. Allemaal zorg die niet wordt vergoed. Maar toen de vergoeding voor telefonische raadplegingen op nul werd gezet, hebben we dat als beroepsgroep onvoldoende kunnen tegenhouden. Daar moeten ook de syndicaten, onszelf inbegrepen, eerlijk over zijn. Het werk is wel gewoon gebleven. En nu dreigen opnieuw voorwaarden voor bestaande ondersteuning.
Erkenning op een podium betaalt het werk in de praktijk niet. Daar wringt het voor mij ook bij Domus Medica. De publieke boodschap klinkt vaak juist: minder administratie, waardering voor onzichtbare zorg, ruimte voor verschillende praktijkvormen. Maar tegenover maatregelen die daarmee botsen, ervaar ik te weinig tegengewicht. Die principes moeten ook achter de schermen overeind blijven.
Met een voormalig voorzitter als adviseur op het kabinet zijn de lijnen kort. Maar die nabijheid maakt zichtbare onafhankelijkheid des te belangrijker. Huisartsen moeten erop kunnen vertrouwen dat de band met het beleid tegenspraak niet in de weg staat. Wie alle praktijkvormen verdedigt, moet dat ook doen wanneer het kabinet een andere richting uitgaat. Anders blijft van die brede boodschap vooral een geruststellend congresverhaal over.
Als ASGB/Kartel willen wij er staan voor de huisarts, in alle praktijkvormen. Zonder dubbele maatstaf en zonder voorkeur voor één organisatiemodel. Dat verplicht ons om voorstellen op hun inhoud te beoordelen en kritisch te blijven voor onze eigen keuzes. Stimuleer samenwerking en vergoed het werk dat vandaag onbetaald blijft. Geef ook de collega die bewust anders werkt een eerlijke plaats. Mijn geduld met de afstand tussen woorden en beleid raakt op.
Ons engagement voor patiënten mag geen vrijgeleide blijven om steeds meer te verwachten en bestaande ondersteuning steeds meer voorwaardelijk te maken. Alle praktijkvormen verdedigen vraagt meer dan ze allemaal welkom heten. Het vraagt dat je voor hen opkomt wanneer de voorwaarden worden geschreven.
Reacties
Proficiat !!
Nu de daad bij het woord vormen
Raar dat men hier ook wil gaan dicteren hoe het moet. Solo praktijken gaan op termijn uitdoven maar hoe een andere type praktijk moet samengesteld worden dat moet geen dictaat zijn van hogerhand. Men is, hoop ik, nog altijd vrij om een of andere model te kiezen.
Ik heb de indruk dat men van een huisarts een manager wilt maken terwijl de mensen nood hebben aan een arts als arts.
Reactie toevoegen