Terugbetaling hadrontherapie met twee jaar verlengd (tot 30 april 2028)

2026.032

 

De terugbetaling van behandelingen uitgevoerd in een gespecialiseerd centrum voor hadrontherapie, gebeurt via een specifieke procedure uit artikel 56 van de GVU-wet.

Het KB dat deze procedure concretiseert, loopt af op 30 april 2026. 

Via een nieuw KB, gepubliceerd op 17 maart 2026, wordt de terugbetaling verlengd met nog eens twee jaar, tot 30 april 2028.

Hierna (klik op lees meer) vindt u de integrale tekst van het op 17 maart 2026 gepubliceerde KB. Als bijlage bij dit bericht vindt u de onderliggende nota van het Verzekeringscomité.

 

3 MAART 2026. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 24 maart 2024 tot vaststelling van de voorwaarden waaronder het Verzekeringscomité overeenkomsten kan sluiten met toepassing van artikel 56, § 2, eerste lid, 1°, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, voor de tegemoetkoming in de kosten van een behandeling met hadrontherapie

FILIP, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen gecoördineerd op 14 juli 1994, artikel 56, § 2, eerste lid, 1°, vervangen bij de wet van 17 juli 2015;
Gelet op het koninklijk besluit van 24 maart 2024 tot vaststelling van de voorwaarden waaronder het Verzekeringscomité overeenkomsten kan sluiten met toepassing van artikel 56, § 2, eerste lid, 1°, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, voor de tegemoetkoming in de kosten van een behandeling met hadrontherapie;
Gelet op het advies van het Comité van de verzekering voor geneeskundige verzorging, gegeven op 24 november 2025;
Gelet op het advies van de inspecteur van Financiën, gegeven op 10 december 2025;
Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting, gegeven op 16 december 2025;
Gelet op het advies nr. 78.748/2 van de Raad van State, gegeven op 4 februari 2026, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2° van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
Overwegende het advies van de Commissie voor begrotingscontrole, gegeven op 19 november 2025;

Op de voordracht van de Minister van Sociale Zaken,

Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1. In artikel 2 van het koninklijk besluit van 24 maart 2024 tot vaststelling van de voorwaarden waaronder het Verzekeringscomité overeenkomsten kan sluiten met toepassing van artikel 56, § 2, eerste lid, 1°, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, voor de tegemoetkoming in de kosten van een behandeling met hadrontherapie wordt de bepaling onder 2° /1 ingevoegd, luidende:
"2° /1 de bijhorende transportkosten voor de nationale verplaatsingen van de rechthebbende die naar een gespecialiseerd hadrontherapiecentrum in België gaat;".

Art. 2. In artikel 8, § 1, 3°, van hetzelfde besluit wordt het woord "et" vervangen door het zinsdeel ", 2° /1 en".

Art. 3. In artikel 11, § 1, van hetzelfde besluit wordt de datum "30 april 2026" vervangen door de datum "30 april 2028.".

Art. 4. Dit besluit treedt in werking op 1 mei 2026.
In afwijking van het eerste lid hebben de artikelen 1 en 2 uitwerking met ingang van 1 januari 2026.

Art. 5. De minister bevoegd voor Sociale Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 3 maart 2026.

Reactie toevoegen

Platte tekst

  • Geen HTML toegestaan.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
CAPTCHA
asgb omgekeerd
Deze vraag is om te controleren dat u een mens bent, om geautomatiseerde invoer (spam) te voorkomen.
2026.052

Kaderwet gestemd in de Kamer … maar het vuur blijft branden!

 

Op 20 mei jl. werd de Kaderwet van minister Vandenbroucke goedgekeurd door de Kamer. Het is te zeggen, twee Kaderwetten want het deel over de opschorting van het RIZIV-nummer moest van de Raad van State in een aparte wet ondergebracht worden.

Deze goedkeuring is er gekomen ondanks het feit dat de minister niet de juiste ‘procedures’ gevolgd heeft bij het tot stand komen van de wet. Meer bepaald werden bepaalde verplichtingen inzake de zgn. evenredigheidsbeoordeling niet nageleefd zoals het hoort.

2026.051

Nieuwe nomenclatuur: percutane cerebrale embolisatie bij kinderen (< 6 maanden)

 

Op 20 mei 2026 is een KB verschenen met aangepaste nomenclatuur voor de percutane cerebrale embolisatie van arterioveneuze malformaties bij kinderen jonger dan 6 maanden.

Het KB treedt in werking op 1 juli 2026 en voert een nieuwe verstrekking met code 590354 – 590365 in.

2026.050

Nieuwe nomenclatuur: radiofrequente ablatie van het endometrium (d.m.v. NovaSure)

 

Op 20 mei  2026 is een KB verschenen dat vanaf 1 juli 2026 nieuwe nomenclatuur invoert voor de radiofrequente ablatie van het endometrium (d.m.v. NovaSure).

Het gaat betreft een nieuwe verstrekking 432854 – 432865. Het gaat om een laagrisico-ingreep waarvoor slechts een beperkte opleiding vereist is. Deze opleiding wordt voorzien door de fabrikant. Verder mag er geen operatieve hulp worden aangerekend en de verstrekking mag slechts één keer per patiënt worden aangerekend.