Kwaliteitswet

ASGB-BERICHT 2019.054
Icoon vergadering/medicomut

 

Geachte Collega

Zopas werden in het parlement twee wetten gestemd die een belangrijk impact hebben op de beroepsuitoefening en voornamelijk een verbetering van de kwaliteit tot doel hebben.

U vindt in bijlage de integrale tekst van de wet, evenals de memorie van toelichting, waarin de bepalingen worden verduidelijkt.

De eerste wet, ook kwaliteitswet genoemd is de wet inzake de kwaliteitsvolle praktijkvoering in de gezondheidszorg.  Door deze werd wordt een coherent wettelijk kader van kwaliteitseisen gecreëerd met het oog op kwaliteitsvolle en veilige verstrekkingen van gezondheidsbeoefenaars. Gezondheidszorgbeoefenaars moeten deze kwaliteitseisen naleven bij het verstrekken van gezondheidszorg aan de patiënt. In welke setting gezondheidszorg wordt verstrekt is daarbij niet relevant.

De vereisten die de gezondheidszorgbeoefenaar moet naleven met het oog op  kwaliteitsvolle zorgverstrekkingen hebben betrekking op het volgende:

1. de diagnostische en therapeutische vrijheid;

2. de bekwaamheid van de gezondheidszorgbeoefenaar en de verplichting om over een visum te beschikken;

3. de karakterisatie van de patiënt en de verstrekkingen met de verplichting om bepaalde verstrekkingen in een ziekenhuis uit te voeren;

4. de omkadering van de vestrekkingen;

5. specifieke voorwaarden na te leven indien een verstrekking wordt uitgevoerd met toepassing van anxiolyse of anesthesie;

6. het garanderen van de continuïteit;

7. het verzekeren van de permanentie;8. het voorschrift voor geneesmiddelen/gezondheidsproducten, het verwijsvoorschrift en het groepsvoorschrift;

8. het voorschrift voor geneesmiddelen/gezondheidsproducten, het verwijsvoorschrift en het groepsvoorschrift;

9. voorwaarden waaronder praktijkinformatie mag worden verspreid;

10. de structuur en organisatie van de individuele praktijkvoering en van samenwerkingsverbanden tussen gezondheidszorgbeoefenaars;

11. het patiëntendossier;

12. de principes met betrekking tot de toegang door een gezondheidszorgbeoefenaar tot gegevens die voor een patiënt door een andere gezondheidszorgbeoefenaar worden bijgehouden;

13. het peer review;

14. de verplichte melding van de praktijkvoering aan een register van praktijken.

Voor het toezicht op het terrein van de kwaliteit van de praktijkvoering wordt bij het directoraat-generaal Gezondheidszorg een Federale Commissie voor toezicht op de praktijkvoering in de gezondheidszorg (Toezichtscommissie) opgericht. Uiteindelijk neemt de minister bevoegd  voor Volksgezondheid eventueel een maatregel.

Een aantal bepalingen van de wet van 10 mei 2015 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen wordt gewijzigd en opgeheven. Dit is noodzakelijk met het oog op een coherent wetgevend kader van kwaliteitseisen. De opgeheven bepalingen worden in het voorgelegde voorontwerp hernomen, desgevallend in gewijzigde vorm.

Er wordt een inwerkingtreding op 1 juli 2021 voorzien met de mogelijkheid om voor een aantal bepalingen een vroegere datum van inwerking treden vast te stellen.

De tweede wet brengt wijzigingen aan aan de wet van 10 mei 2015 inzake de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen. Hierin worden behandeld de opleiding en vestiging van gezondheidszorgbeoefenaars uit landen buiten de EU, de paramedische beroepen, de werking van de provinciaal geneeskundige commissies, de oprichting van een federale raad voor apothekers en de verankering van het beroep van verpleegkundig specialist.

Met collegiale groeten, het ASGB-bestuur

 

2026.031

Antibiotica-indicatoren: eerste (collectief) ‘rapport’ beschikbaar

 

In november 2023 werden drie zgn. indicatoren inzake het voorschrijven van antibiotica ingevoerd, zie ook ons bericht van toen, https://asgb.be/node/28723. De bedoeling was en is uiteraard dat er minder zou voorgeschreven worden.

Een jaar later is de eerste impact van deze indicatoren geanalyseerd en ook gepubliceerd. En wat blijkt? Deze eerste resultaten zijn een stap in de goede richting, aldus het RIZIV. 

2026.030

Deconventietermijn eindigt op 12 maart a.s.

 

Het nieuwe akkoord 2026-2027 werd gepubliceerd op 10 februari 2026 waarna de zgn. deconventietermijn van 30 dagen is beginnen lopen.

Die termijn eindigt deze week donderdag op 12 maart 2026. Wie volledig wil deconventioneren of slechts partieel wil (de)conventioneren, moet dat dus ten laatste doen op die dag (en dit via ProGezondheid). Daarna is het onherroepelijk te laat.

2026.029

Enquête door Recip-e over problemen met e-health

 

Recip-e doet een bevraging naar de problemen en tekortkomingen die artsen ondervinden bij het gebruik van e-health en eraan gerelateerde diensten.

De bedoeling is dat Recip-e deze zaken inventariseert en vervolgens op zoek gaat naar oplossingen.

U kunt de enquête invullen via deze link https://forms.gle/wc2nXRBybYkhFTk98

Gelieve dit desgevallend te doen vóór 23 maart a.s. zodat uw antwoorden nog tijdig verwerkt kunnen worden (voor een eerste analyse op 26 maart 2026).