Zuurstof van € 20 per GMD : referentieperiode loopt tot 30 sept 2020

ASGB-BERICHT 2020.218

 

Aan de huisartsen werd, zoals u weet, een extra compensatie beloofd van € 20 per GMD. Aanvankelijk was het de bedoeling om die eenmalige vergoeding te linken aan het aantal dossiers van 2019. Men zou immers werken met een referentieperiode die loopt van 1 januari tot 31 december 2019.

Met deze regeling zouden starters echter flink benadeeld worden en soms zelfs helemaal uit de boot vallen. Om daar nog enigszins een mouw aan te passen, is er op de Medicomut van 16 december jl. beslist om de referentieperiode te verlengen: zij loopt nu van 1 januari 2019 tot 30 september 2020.

Door deze aanpassing zal u nu € 20 extra ontvangen voor elk dossier waarvoor u een GMD-ereloon ontvangen heeft in de periode van 1 januari 2019 tot 30 september 2020, met dien verstande dat u natuurlijk maar één keer voor hetzelfde dossier (dezelfde patiënt) betaald kunt worden.

Indien het GMD-ereloon voor een bepaalde patiënt in 2019 aan dokter X werd betaald en in 2020 aan dokter Y, zal het deze laatste zijn die het supplement van 2020 ontvangt. Er wordt immers voorrang gegeven aan de dossierhoudende arts voor 2020.

De storting van het eenmalige bedrag zal niet meer in december 2020 maar pas in januari 2021 plaats vinden. Het gaat om één storting door het Intermutualistisch College (IMC) en dus niet om afzonderlijke stortingen door de verschillende ziekenfondsen. Het rekeningnummer waarop gestort zal worden, is datgene dat in MyRiziv staat. Kijk dus zeker na of u daar het juiste rekeningnummer heeft vermeld.

Wat de benadeling van de starters betreft, die is met de nieuwe regeling natuurlijk nog niet helemaal weg, vandaar ook dat ASGB/Kartel van in het begin via een aanvulling van de geïntegreerde praktijkpremie wou werken, maar binnen de ‘piste’ van een aanvullend GMD-bedrag, was dit wellicht het best mogelijk alternatief.

In de nieuwe conventie artsen-ziekenfondsen voor 2021, die eveneens op 16 december jl. werd afgesloten, worden trouwens nog bijkomende garanties voor beginnende huisartsen i.v.m. de hervorming van het GMD (automatische verlenging en proactieve betaling) opgenomen.

2026.031

Antibiotica-indicatoren: eerste (collectief) ‘rapport’ beschikbaar

 

In november 2023 werden drie zgn. indicatoren inzake het voorschrijven van antibiotica ingevoerd, zie ook ons bericht van toen, https://asgb.be/node/28723. De bedoeling was en is uiteraard dat er minder zou voorgeschreven worden.

Een jaar later is de eerste impact van deze indicatoren geanalyseerd en ook gepubliceerd. En wat blijkt? Deze eerste resultaten zijn een stap in de goede richting, aldus het RIZIV. 

2026.030

Deconventietermijn eindigt op 12 maart a.s.

 

Het nieuwe akkoord 2026-2027 werd gepubliceerd op 10 februari 2026 waarna de zgn. deconventietermijn van 30 dagen is beginnen lopen.

Die termijn eindigt deze week donderdag op 12 maart 2026. Wie volledig wil deconventioneren of slechts partieel wil (de)conventioneren, moet dat dus ten laatste doen op die dag (en dit via ProGezondheid). Daarna is het onherroepelijk te laat.

2026.029

Enquête door Recip-e over problemen met e-health

 

Recip-e doet een bevraging naar de problemen en tekortkomingen die artsen ondervinden bij het gebruik van e-health en eraan gerelateerde diensten.

De bedoeling is dat Recip-e deze zaken inventariseert en vervolgens op zoek gaat naar oplossingen.

U kunt de enquête invullen via deze link https://forms.gle/wc2nXRBybYkhFTk98

Gelieve dit desgevallend te doen vóór 23 maart a.s. zodat uw antwoorden nog tijdig verwerkt kunnen worden (voor een eerste analyse op 26 maart 2026).