Nieuwe verplichtingen op komst m.b.t. e-fact en e-attest

2023.152

 

Op 18 juli jl. is een KB verschenen over elektronisch factureren van ambulante prestaties aan het ziekenfonds via e-attest (buiten derdebetaler) en e-fact (met toepassing van de derdebetaler). Het KB treedt in voege op 1 september a.s. en bevat bepalingen, enerzijds over wanneer e-facturatie verplicht wordt en anderzijds over informatieverplichtingen t.a.v. de ziekenfondsen.

Op dit moment is de toepassing van zowel e-attest als e-fact facultatief: u mag er gebruik van maken, maar moet het niet. In het nieuwe KB is opgenomen dat het de bedoeling is om beide verplicht te maken na een termijn van twee jaar die begint te lopen op 1 september 2023. Vanaf 1 september 2025 zullen papieren getuigschriften dus in principe verboden worden.

Het KB voorziet echter in uitzonderingen:

  •     * Artsen die op datum van 1 januari 2023 al de leeftijd van 67 jaar of ouder hadden, blijven ook na 1 september 2025 vrijgesteld van de verplichting om elektronisch te factureren.
  •     * De andere artsen waarvoor de verplichting wel geldt, zullen dan weer nog op papier mogen factureren (1) als de facturatie plaatsvindt buiten het kabinet en elektronische facturatie technisch onmogelijk is en (2) als het binnen het kabinet door overmacht onmogelijk is.

 

Ingevolge het nieuwe KB wordt het ook verplicht om bij elektronische facturatie extra informatie aan de ziekenfondsen mee te delen. Het gaat meer bepaald om de volgende informatie:

  • *   Het bedrag van de aangerekende ereloonsupplementen voor verstrekkingen die aanleiding geven tot terugbetaling door de ziekteverzekering.
  • *   Het volledige bedrag voor verstrekkingen die terugbetaalbaar zijn maar waarvoor de voorwaarden voor terugbetaling niet vervuld zijn.
  • *   Het volledige bedrag ten laste van de patiënt voor verstrekkingen die niet terugbetaalbaar zijn.
  • *   Het bedrag voor materiaal, techniek of instrumentarium dat niet voor terugbetaling in aanmerking komt en waarvoor geen nomenclatuurnummer bestaat of waarbij de basisverstrekking wel terugbetaalbaar is.

 

Deze informatieverplichting t.a.v. de ziekenfondsen treedt onmiddellijk in werking en dus niet pas na twee jaar. Concreet wil dat zeggen dat als u nu al (facultatief) gebruik maakt van e-attest of e-fact, u ook al de informatieverplichting moet naleven via uw medische software (naar verluidt zullen de programma’s er tijdig op aangepast zijn). Voor de ereloonsupplementen bij terugbetaalbare prestaties (de eerste situatie van daarnet) geldt dat al vanaf 1 september a.s., voor de andere drie situaties zal dat pas het geval zijn, zodra er pseudonomenclatuurnummers voor bestaan (wat vooralsnog niet het geval is, die moeten nog goedgekeurd worden door het Verzekeringscomité).

Hierna vindt u de integrale tekst van het op 18 juli 2023 gepubliceerde KB.

 

28 JUNI 2023. - Koninklijk besluit tot uitvoering van artikel 53, § 1, eerste, derde en vierde lid, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, publicatie 18 juli 2023

FILIP, Koning der Belgen,

Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op artikel 53, § 1, eerste, derde en vierde lid, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994 en laatst gewijzigd door de wet van 18 mei 2022;

Gelet op het advies van de Nationale commissie artsen-ziekenfondsen van 24 oktober 2022;

Gelet op het advies van het Verzekeringscomité van het Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering uitgebracht op 21 november 2022;

Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 11 januari 2023;

Gelet op de akkoordbevinding van de Staatssecretaris voor Begroting, gegeven op 24 januari 2023;

Gelet op het advies 73.006/2 van de Raad van State, gegeven op 1 maart 2023, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Gelet op het standaardadvies nr. 65/2023 van de Gegevensbeschermingsautoriteit, gegeven op 24 maart 2023;

Op de voordracht van de Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid,

Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1. Voor ambulante prestaties van artsen worden, als gebruik wordt gemaakt van een software die toelaat om gegevens over te dragen aan de verzekeringsinstellingen via een elektronisch netwerk, de gegevens bedoeld in artikel 53, § 1/2, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, overgemaakt aan de verzekeringsinstellingen indien zij moeten worden opgenomen op het bewijsstuk.

De over te maken gegevens betreffen:

1° het bedrag van supplementen voor verstrekkingen die aanleiding geven tot een tegemoetkoming van de verplichte verzekering;

2° het volledige bedrag voor verstrekkingen die terugbetaalbaar zijn door de verplichte verzekering, maar waarvoor de voorwaarden voor een terugbetaling niet zijn voldaan;

3° het volledige bedrag ten laste van de patiënt voor verstrekkingen die geen aanleiding geven tot een tegemoetkoming van de verplichte verzekering;

4° het bedrag voor materiaal, techniek of instrumentarium dat niet voor de terugbetaling in de verplichte verzekering in aanmerking komt en waarvoor geen nomenclatuurcode bestaat of waarbij de basisverstrekking wel voor terugbetaling in aanmerking komt.

Voor de gegevens zoals bedoeld in het vorig lid, 2°, 3° en 4°, worden pseudocodes ingevoerd door het Verzekeringscomité bij verordening zoals bedoeld in artikel 22, 11°, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994.

De verplichting zoals bedoeld in het eerste lid om de bijkomende gegevens over te maken, ontstaat, voor de gegevens zoals bedoeld in het tweede lid, 2°, 3° en 4°, op het ogenblik dat de pseudocode beschikbaar is in de voormelde software.

Art. 2. § 1. De datum, bedoeld in artikel 53, § 1, derde lid, van voormelde wet, wordt vastgesteld op 1 september 2023.

§ 2. De elektronische gegevensoverdracht betreft de facturatie van ambulante prestaties van artsen zowel binnen als buiten de derdebetalersregeling.

§ 3. Na het verstrijken van de termijn van twee jaar, bedoeld in artikel 53, § 1, vierde lid, van voornoemde wet, kan de gegevensoverdracht uitzonderlijk op papier gebeuren:

1) als de facturatie plaatsvindt buiten het kabinet van de arts en de elektronische facturatie technisch onmogelijk is;

2) in geval van overmacht die de elektronische facturatie onmogelijk maakt;

3) indien de arts de leeftijd van 67 jaar heeft bereikt op datum van 1 januari 2023.

Art. 3. Dit besluit treedt in werking op 1 september 2023.

Art. 4. De minister bevoegd voor Sociale Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 28 juni 2023.

FILIP

Van Koningswege :

De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid,

F. VANDENBROUCKE

 

Reactie toevoegen

Platte tekst

  • Geen HTML toegestaan.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
CAPTCHA
15 + 3 =
Los deze eenvoudige rekenoefening op en voer het resultaat in. Bijvoorbeeld: voor 1+3, voer 4 in.
Deze vraag is om te controleren dat u een mens bent, om geautomatiseerde invoer (spam) te voorkomen.
2024.057

Nieuwe interpretatieregels RIZIV over immunisatieperiode

 

Op 17 april 2024 zijn drie interpretatieregels gepubliceerd over de zgn. immunisatieperiode.

De bedoeling is dat die steeds 5 dagen zou bedragen.

Daarom worden twee interpretatieregels geschrapt vanaf 1 mei 2024: 

  • * één i.v.m. het dermatologisch verband voor uitgebreide letsels
  • * één i.v.m. tandextracties en/of conserverende tandverzorging onder algemene anesthesie

 

Daarnaast wordt er een nieuwe interpretatieregel (nr. 7) toegevoegd voor art. 25 – toezichtshonorarium. 

2024.056

Huisbezoek WZC anders en beter vergoed vanaf 1 juni 2024

 

Op 11 juni 2024 werden drie KB’s gepubliceerd die in aangepaste nomenclatuur voorzien voor bezoeken door een huisarts in een WZC

Zij zijn de vrucht van heel wat werk in de NCAZ en de TGR en treden in voege op 1 juni 2024.

Er wordt een nieuw nomenclatuurnummer in het leven geroepen, specifiek voor een bezoek aan een WZC: 106610. 

Het ereloon ervoor zal € 45,81 bedragen (een verhoging met 25%).

2024.055

Update van art. 11 nomenclatuur (algemene speciale verstrekkingen)

 

Op 11 april 2024 is een KB gepubliceerd i.v.m de nomenclatuur van artikel 11 (algemene speciale verstrekkingen).

Het gaat in hoofdzaak om teksttoilet.

Hierna vindt u de integrale tekst van het nieuwe KB dat in voege treedt op 1 juni 2024. In de pdf als bijlage vindt u de voorbereidende nota van de TGR.