Perikelen G-stempel: antwoord van de VI *

ASGB-BERICHT 2011.032



Geachte Collega,



In antwoord op onze brief aan de mutualiteiten ontvingen we onderstaande antwoorden van de LCM en de NVSM.



met collegiale groeten, het ASGB-bestuur.


  

Geachte,

 

 Als antwoord op Uw schrijven van 22 februari, kan ik U namens de  CM al volgende bedenkingen meegeven :

 

1.     Bemerking dat sommige Ziekenfondsen deze nieuwe regeling niet toepassen

Het definitieve bestand met de groepspraktijken werd door het RIZIV pas aan de VI’s bezorgd op 29-12-2010.  Onze vraag  om de inwerkingtreding van de groepspraktijken (beperkt) uit te stellen zodat de VI’s de kans hadden om de bestanden te implementeren, werd van tafel geveegd door het RIZIV.

Als CM hebben wij de groepspraktijken in onze loketcomputers geïmplementeerd op 20-01-2011.  Vanaf die datum wordt rekening gehouden met de remgeldvermindering voor de leden die een consultatie aanbieden bij een andere arts van de groepspraktijk dan diegene die het GMD beheert.

 

2.     Administratieve verlenging

 

We zullen de groepspraktijken verwerken in de regeling administratieve verlenging van zodra we de GMD’s voor het jaar 2011 (= jaar van opstart van de groepspraktijken) verlengen (dus in 2012).  De verlengingen voor het jaar 2010 die worden uitgevoerd in september 2011 houden (nog) geen rekening met de groepspraktijken.

 

Ik zal Uw schrijven ook overmaken aan mijn collega’s van de andere mutualiteiten.

 

Met vriendelijke groeten

 

Marc Justaert

Voorzitter CM

 


 

Aan Dr. Reinier Hueting                                                          

Voorzitter huisartsenvleugel ASGB                            

 

Dr. Robert Rutsaert

VoorzitterASGB

 

 

Betreft: problematiek van de erkenning van samenwerkingsverbanden en het GMD

 

Geachte collega,

 

De meeste groepspraktijken en samenwerkingsverbanden hebben reeds een erkenningsnummer aangevraagd bij het RIZIV en ontvangen.  

 

De ziekenfondsen ontvingen in de tweede week van januari 2011 een eerste refertebestand van het RIZIV met deze erkenningsnummers. We hebben onmiddellijk alles in het werk gesteld om onze toepassingen aan te passen. Dit bestand was echter nog niet volledig en op 31 januari 2011ontvingen we een update.

 

Aangezien ook dit bestand nog steeds niet volledig is – omdat nog niet alle groepspraktijken een aanvraag hebben ingediend – zal het RIZIV ons maandelijks een nieuw bestand overmaken.

 

Om te vermijden dat de leden niet correct worden terugbetaald zullen we op het einde van elke maand de uitgevoerde betalingen aftoetsen aan dit nieuwe bestand. De registraties en bijbetalingen zullen automatisch worden uitgevoerd zonder dat de arts of de patiënt enige administratieve formaliteit moet vervullen.

 

U zult begrijpen dat er hier en daar vertraging wordt opgelopen bij het implementeren van deze nieuwe toepassing, maar wij doen er alles aan om de regeling in de nabije toekomst volledig toe te passen.

 

Met vriendelijke groeten,

 

Dr. Ivan Van der Meeren

Coördinator studiedienst NVSM

 

2026.035

Corrigendum tarieven deel 11

 

Deel 11 betreft J. Inwendige geneeskunde ; K. Dermato-venereologie ; L. Pathologische anatomie.

Ingevolge een beslissing van de NCAZ op 9 maart 2026 wordt de sleutelletterwaarde van het dagplafond voor de geëvoceerde potentialen in de tabel ‘J. 6. Neuropsychiatrie’ aangepast vanaf 1 april 2026.

In de file als bijlage vindt u de nieuwe tarieven (aanpassingen in het vet).

2026.034

De CAR-T saga, of hoe een dossier mismeesterd kan worden

 

CAR-T (Chimeric Antigen Receptor T-cell therapy) is een geavanceerde en gepersonaliseerde vorm van immuuntherapie. T-cellen worden via aferese uit het bloed gehaald, vervolgens in een labo genetisch bewerkt met het inbouwen van een chimere antigeenreceptor en na een voorbehandeling van de patiënt met chemotherapie (bridging) via een infuus teruggegeven. De bedoeling is dat op die manier specifieke eiwitten op kankercellen herkend worden waarna die vernietigd worden. 

2026.033

OPINIE: Wat het DGEC-rapport over 2025 ons (en hopelijk ook de minister) leert

 

Vooreerst zien we in de tabel op blz. 9 (zie pdf als bijlage bij dit bericht) dat er 46 controle-onderzoeken tegen artsen werden afgerond in 2025. Of die 46 onderzoeken ook 46 afzonderlijke individu’s betroffen, weten we niet, er zouden tegen één en dezelfde arts meerdere dossiers geweest kunnen zijn, maar dat laten we in het midden.