Permanentiehonorarium pediatrie*

ASGB-BERICHT 2011.040

Geachte Collega,



In het BS van 1/3/11 verscheen eindelijk het KB met de nieuwe nomenclatuur voor het permanentiehonorarium van de pediater. Het gaat retrograad in voege vanaf 1/7/2010.



met collegiale groeten, het ASGB-bestuur 


Publicatie: 2011-03-01



FEDERALE OVERHEIDSDIENST SOCIALE ZEKERHEID



3 FEBRUARI 2011. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de voorwaarden en de nadere regels overeenkomstig dewelke de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen forfaitaire honoraria betaalt aan de geneesheren-specialisten in de pediatrie die een aanwezigheid in het ziekenhuis verzekeren



ALBERT II, Koning der Belgen,

Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, artikel 36quatrodecies, ingevoegd bij de wet van 10 december 2009;

Gelet op het voorstel van de Nationale commissie geneesheren-ziekenfondsen, gegeven op 18 januari 2010;

Gelet op het advies van de Commissie voor begrotingscontrole, gegeven op 14 juli 2010;

Gelet op het advies van het Comité van de verzekering voor geneeskundige verzorging, gegeven op 26 juli 2010;

Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 3 november 2010;

Gelet op de akkoordbevinding van de Staatssecretaris van Begroting van 23 november 2010;

Gelet op advies 48.982/2 van de Raad van State, gegeven op 20 december 2010, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Op de voordracht van de Minister van Sociale Zaken,

Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1. Dit besluit bepaalt de voorwaarden en de nadere regels aan de hand waarvan de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen een forfaitair honorarium betaalt, met het oog op het stimuleren van de aanwezigheid van de geneesheren-specialisten in de pediatrie in het ziekenhuis, zodat deze expertise beschikbaar is buiten de uurroosters waarvoor de betaling van beschikbaarheidshonoraria voorzien is.

Art. 2. Voor de toepassing van dit besluit wordt de permanente fysieke aanwezigheid in aanmerking genomen van een geneesheer-specialist in de pediatrie, met uitsluiting van de geneesheren-specialisten in de pediatrie in opleiding, gedurende de werkdagen van 9 uur tot en met 17 uur in een ziekenhuis met een zorgprogramma voor kinderen die een dienst kindergeneeskunde (kenletter E) omvat. Deze permanentie wordt verzekerd onder toezicht van de hoofdgeneesheer.

Een werkdag is een dag die noch een zaterdag, noch een zondag en noch een feestdag is.

Art. 3. Na het einde van elk trimester en ten laatste op de laatste dag van het volgende trimester maakt de hoofdgeneesheer van het ziekenhuis de volgende gegevens over aan de Dienst voor geneeskundige verzorging van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering :

1° de werkdagen waarop in het ziekenhuis dat beschikt over een dienst kindergeneeskunde (kenletter E) een permanente fysieke aanwezigheid was van 9 uur tot 17 uur door één of meerdere geneesheren-specialisten in de pediatrie, met uitsluiting van de geneesheren-specialisten in de pediatrie in opleiding;

2° het post- of bankrekeningnummer van de instantie die belast is met de centrale inning van de honoraria, met vermelding van de gegevens van de rekeninghouder.

De informatie wordt aan de Dienst voor geneeskundige verzorging van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering overgemaakt via de website van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering (www.riziv.fgov.be).

Art. 4. Het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering betaalt het in artikel 5 vermelde forfaitair honorarium aan de instantie overeenkomstig de gegevens meegedeeld in toepassing van artikel 3.

De hoofdgeneesheer waakt erover dat de volledige forfaitaire honoraria worden verdeeld aan alle geneesheren-specialisten in de pediatrie die de medische permanentie hebben verzekerd zoals voorzien in dit besluit.

Deze forfaitaire honorariaverdeling gebeurt pro rata de werkelijke aanwezigheidsuren in het ziekenhuis.

Art. 5. Het forfaitair aanwezigheidshonorarium bedraagt, vanaf 1 juli 2010, 240,00 euro per werkdag en is verschuldigd voor maximum één voltijds equivalent geneesheer-specialist in de pediatrie en dat onafgezien het aantal voltijdse equivalente geneesheren-specialisten in de pediatrie die aanwezig waren tijdens die werkdag.

Indien een ziekenhuis op meerdere vestigingsplaatsen een zorgprogramma voor kinderen kan uitbaten, betaalt het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering slechts éénmaal het forfaitair aanwezigheidshonorarium per ziekenhuis.

Overeenkomstig het koninklijk besluit van 8 december 1997 tot bepaling van de toepassingsmodaliteiten voor de indexering van de prestaties in de regeling van de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging, wordt de waarde van dit honorarium vanaf 1 juli van elk jaar aangepast aan de evolutie van de waarde van het in artikel 1 van dat koninklijk besluit bedoeld gezondheidsindexcijfer tussen 30 juni van het tweede jaar ervoor en 30 juni van het jaar ervoor.

Art. 6. De informatie bedoeld in artikel 3 wordt door de Dienst voor geneeskundige verzorging van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering op eenvoudig verzoek bezorgd aan de verzekeringsinstellingen en aan de Dienst voor geneeskundige evaluatie en controle van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering.

Art. 7. De gegevens die nodig zijn voor de betalingen van de forfaitaire aanwezigheidshonoraria voor de periode van 1 juli 2010 tot en met de laatste dag van het trimester tijdens dewelke dit besluit zal worden bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad, worden ingediend ten laatste op de laatste dag van het volgend trimester.

Art. 8. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 juli 2010.

Art. 9. De Minister bevoegd voor Sociale Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 3 februari 2011.

ALBERT

Van Koningswege :

De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, belast met Maatschappelijke Integratie,

Mevr. L. ONKELINX

 

2026.035

Corrigendum tarieven deel 11

 

Deel 11 betreft J. Inwendige geneeskunde ; K. Dermato-venereologie ; L. Pathologische anatomie.

Ingevolge een beslissing van de NCAZ op 9 maart 2026 wordt de sleutelletterwaarde van het dagplafond voor de geëvoceerde potentialen in de tabel ‘J. 6. Neuropsychiatrie’ aangepast vanaf 1 april 2026.

In de file als bijlage vindt u de nieuwe tarieven (aanpassingen in het vet).

2026.034

De CAR-T saga, of hoe een dossier mismeesterd kan worden

 

CAR-T (Chimeric Antigen Receptor T-cell therapy) is een geavanceerde en gepersonaliseerde vorm van immuuntherapie. T-cellen worden via aferese uit het bloed gehaald, vervolgens in een labo genetisch bewerkt met het inbouwen van een chimere antigeenreceptor en na een voorbehandeling van de patiënt met chemotherapie (bridging) via een infuus teruggegeven. De bedoeling is dat op die manier specifieke eiwitten op kankercellen herkend worden waarna die vernietigd worden. 

2026.033

OPINIE: Wat het DGEC-rapport over 2025 ons (en hopelijk ook de minister) leert

 

Vooreerst zien we in de tabel op blz. 9 (zie pdf als bijlage bij dit bericht) dat er 46 controle-onderzoeken tegen artsen werden afgerond in 2025. Of die 46 onderzoeken ook 46 afzonderlijke individu’s betroffen, weten we niet, er zouden tegen één en dezelfde arts meerdere dossiers geweest kunnen zijn, maar dat laten we in het midden.