Vereenvoudiging remgeld bij de huisarts

ASGB-BERICHT 2011.141



Bijlage: NCGZ 2011-9_vereenvoudiging TM .doc


Geachte Collega,



In het BS van 18/10/2011 verscheen een KB waardoor de remgelden op de raadpleging bij de huisarts aanzienlijk vereenvoudigd worden.

De nieuwe regeling gaat in op 1 december as.

Het is de bedoeling om deze remgelden enige tijd niet te indexeren om een nominaal afgerond bedrag te behouden. In de loop van de volgende jaren volgt dan een cumulatieve indexering tot een nieuw afgerond bedrag.



met collegiale groeten, het ASGB-bestuur 


Publicatie: 2011-10-18



FEDERALE OVERHEIDSDIENST SOCIALE ZEKERHEID
 
2 OKTOBER 2011. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 23 maart 1982 tot vaststelling van het persoonlijk aandeel van de rechthebbenden of van de tegemoetkoming van de verzekering voor geneeskundige verzorging in het honorarium voor bepaalde verstrekkingen



ALBERT II, Koning der Belgen,

Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, artikel 37, § 1, gewijzigd bij de wet van 20 december 1995, het koninklijk besluit van 16 april 1997 en de wetten van 24 december 1999, 22 augustus 2002, 27 december 2006, 26 maart 2007, 21 december 2007, 22 december 2008 et 23 december 2009;

Gelet op het koninklijk besluit van 23 maart 1982 tot vaststelling van het persoonlijk aandeel van de rechthebbenden of van de tegemoetkoming van de verzekering voor geneeskundige verzorging in het honorarium voor bepaalde verstrekkingen;

Gelet op de adviezen van de Nationale Commissie geneesheren-ziekenfondsen, gegeven op 14 juni 2010 en 14 maart 2011; 

Gelet op het advies van de Commissie voor begrotingscontrole, gegeven op 30 maart 2011;

Gelet op het advies van het Comité van de verzekering voor geneeskundige verzorging, gegeven op 4 april 2011;

Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 17 juni 2011;

Gelet op de akkoordbevinding van de Staatssecretaris voor Begroting van 13 juli 2011;

Gelet op advies 50.108/2/V van de Raad van State, gegeven op 24 augustus 2011, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Op de voordracht van de Minister van Sociale Zaken,

Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1. Artikel 1 van het koninklijk besluit van 23 maart 1982 tot vaststelling van het persoonlijk aandeel van de rechthebbenden of van de tegemoetkoming van de verzekering voor geneeskundige verzorging in het honorarium voor bepaalde verstrekkingen, vervangen bij het koninklijk besluit van 26 augustus 2010 wordt vervangen als volgt :

« Het persoonlijk aandeel van de rechthebbende die de in artikel 37, §§ 1 en 19 van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, bedoelde verhoogde verzekeringstegemoetkoming geniet, in de honoraria van de raadplegingen van geneesheer in de huisartsgeneeskunde en voor de bijkomende honoraria voor dringende raadplegingen, voorzien in artikel 2, A, van de bijlage bij het koninklijk besluit van 14 september 1984 tot vaststelling van de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen inzake verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen wordt vastgesteld tot 1,50 euro voor de verstrekkingen aangeduid met de rangnummers 101010, 101032, 101054, 101076. 

Er is geen persoonlijk aandeel verschuldigd door de rechthebbenden voor de verstrekkingen aangeduid met de rangnummers 102410, 102432, 102454 en 102476. »

Art. 2. In artikel 3 van hetzelfde besluit, vervangen bij het koninklijk besluit van 18 februari 2004 en gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 13 december 2005, 26 augustus 2010 en 9 februari 2011 wordt het eerste lid vervangen als volgt :

a) het eerste en het tweede lid worden vervangen als volgt : 

« Voor de rechthebbenden die genieten van de verhoogde verzekeringstegemoetkoming bedoeld in artikel 37, §§ 1 en 19 van voornoemde wet en voor wie de verstrekking aangeduid met het rangnummer 102771 beoogd in artikel 2, A, van de bijlage bij het koninklijk besluit van 14 september 1984 wordt verleend, wordt het bedrag van het persoonlijk aandeel :

1° beperkt tot 1,00 euro voor de raadplegingen aangeduid met de rangnummers 101010, 101032, 101054 en 101076;

2° verminderd met 30 pct. voor de bezoeken aangeduid met de rangnummers 103110, 103132, 103213, 103235, 103412, 103434, 103913 en 104112, en op voorwaarde dat de rechthebbende ouder is dan 75 jaar of vanaf de dag waarop de verzekeringsinstelling in het bezit is van het bewijs dat de rechthebbende in het lopend of het voorgaande kalenderjaar voldoet aan de voorwaarden zoals bepaald in artikel 2, 2), van het koninklijk besluit van 2 juni 1998 tot uitvoering van artikel 37, § 16bis, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994.

Het recht op de beperking of de vermindering van het persoonlijk aandeel bedoeld in het eerste lid gaat in op de dag waarop de voornoemde verstrekking aangeduid met het rangnummer 102771 wordt verleend en geldt vanaf deze dag tot en met 31 december van het tweede daarop volgende kalenderjaar. »;

b) in het vierde lid worden de woorden « de beperking of » ingevoegd tussen de woorden « Het recht op » en de woorden « de vermindering ».

Art. 3. In artikel 4ter van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het koninklijk besluit van 10 januari 2002 en vervangen bij het koninklijk besluit van 26 augustus 2010 wordt het eerste lid opgeheven. 

Art. 4. In artikel 9 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 28 december 1992 worden de woorden « 1 » en « 3 » opgeheven.

Art. 5. Dit besluit treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand na die waarin het is bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad. 

Art. 6. De Minister bevoegd voor Sociale Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 2 oktober 2011. 

ALBERT

Van Koningswege :

De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, belast met Maatschappelijke Integratie, 

Mevr. L. ONKELINX
 


van de Riziv website:
Raadpleging bij de huisarts : Vereenvoudiging van remgelden vanaf 1 december 2011

Het akkoord artsen ziekenfondsen van december 2010 bepaalde een vereenvoudiging van de remgelden voor de raadplegingen in de spreekkamer bij een huisarts

Deze vereenvoudiging is  nu uitgevoerd door 2 maatregelen toepasselijk vanaf 1 december 2011.

1. Vereenvoudiging van de remgelden voor de raadplegingen

Voor de raadplegingen met nomenclatuurnummers 101010, 101032, 101054 et 101076, zal de persoonlijke tussenkomst (remgeld) van de rechthebbende patiënt in het ereloon van de huisarts en de erbij horende supplementen beperkt blijven tot:

Patiënt zonder voorkeurregeling

Patiënt met voorkeurregeling

Met GMD

Zonder GMD

Met GMD

Zonder GMD

4,00 EUR

6,00 EUR

1,00 EUR

1,50 EUR

Het onderscheid tussen patiënten met GMD (globaal medisch dossier) en zonder GMD blijft behouden.

2. Afschaffing van het remgeld voor de bijkomende erelonen voor raadplegingen ‘s nachts, tijdens het weekend of op een feestdag

De bijkomende erelonen voor raadplegingen ‘s nachts, tijdens het weekend of op een feestdag komen voor 100% ten laste van de verzekering voor geneeskundige verzorging.

Voor de raadplegingen met nomenclatuurnummers 102410 102432, 102454 et 102476, is er dus geen persoonlijke tussenkomst (remgeld) meer voor de patiënt.

Opgelet:

  • Er is geen indexering van de remgelden vastgelegd.
  • Er is geen vermindering van de remgelden voorzien voor de verstrekkingen verricht door een stagedoende arts.

Dubbel voordeel van de vereenvoudiging:

  • Het is een belangrijke administratieve vereenvoudiging voor de huisartsen en voor de ziekenfondsen.
  • Ze laat aan de patiënten met een laag inkomen toe om niet meer dan 1 EUR te betalen voor een raadpleging van een huisarts. In het kader van de sociale derde betaler kan de huisarts het saldo van het ereloon rechtstreeks aan het ziekenfonds factureren. De nationale commissie artsen-ziekenfondsen draagt hiermee bij tot een verbetering van de eerstelijnsgezondheidszorg.

Reglementaire basis

KB van 3/10/2011 - Wijziging van artikel 37bis van de wet (BS van 18.10.2011) (PDF - 320 KB)

KB van 2/10/2011 - Vaststelling persoonlijk aandeel (BS van 18.10.2011) (PDF - 319 KB)

 

2026.035

Corrigendum tarieven deel 11

 

Deel 11 betreft J. Inwendige geneeskunde ; K. Dermato-venereologie ; L. Pathologische anatomie.

Ingevolge een beslissing van de NCAZ op 9 maart 2026 wordt de sleutelletterwaarde van het dagplafond voor de geëvoceerde potentialen in de tabel ‘J. 6. Neuropsychiatrie’ aangepast vanaf 1 april 2026.

In de file als bijlage vindt u de nieuwe tarieven (aanpassingen in het vet).

2026.034

De CAR-T saga, of hoe een dossier mismeesterd kan worden

 

CAR-T (Chimeric Antigen Receptor T-cell therapy) is een geavanceerde en gepersonaliseerde vorm van immuuntherapie. T-cellen worden via aferese uit het bloed gehaald, vervolgens in een labo genetisch bewerkt met het inbouwen van een chimere antigeenreceptor en na een voorbehandeling van de patiënt met chemotherapie (bridging) via een infuus teruggegeven. De bedoeling is dat op die manier specifieke eiwitten op kankercellen herkend worden waarna die vernietigd worden. 

2026.033

OPINIE: Wat het DGEC-rapport over 2025 ons (en hopelijk ook de minister) leert

 

Vooreerst zien we in de tabel op blz. 9 (zie pdf als bijlage bij dit bericht) dat er 46 controle-onderzoeken tegen artsen werden afgerond in 2025. Of die 46 onderzoeken ook 46 afzonderlijke individu’s betroffen, weten we niet, er zouden tegen één en dezelfde arts meerdere dossiers geweest kunnen zijn, maar dat laten we in het midden.