PERSMEDEDELING - Akkoord artsen-ziekenfondsen 2018-2019

ASGB-BERICHT 2017.172

Geachte collega

In de vroege morgen van 19 december 2017 werd een akkoord artsen-ziekenfondsen afgesloten voor de jaren 2018 en 2019.

Het was niet eenvoudig, want aan de ene kant hadden we het afpakken van een groot deel van de index vorig jaar nog vers in ons geheugen en aan de andere kant was er weinig tot geen marge voor nieuwe initiatieven.

Het Kartel ASGB/GBO/MoDeS is toch tevreden over een aantal punten:

- de index is niet lineair verdeeld, de raadplegingen van zowel de huisartsen als specialisten worden met de volle 1,68 % geïndexeerd,

- het honorarium voor de raadpleging van de geaccrediteerde specialist inwendige geneeskunde wordt opgetrokken tot 45 euro

- er wordt eindelijk een begin gemaakt met de automatische verlenging van het GMD,

- er zal worden voorzien in ‘de noodzakelijke professionele ondersteuning bij de vorming van de samenwerkingsinitiatieven’ van de huisartsenwachtposten.

- voor de psychiaters zijn er garanties dat de vrijgekomen middelen op de toezichtshonoraria in het kader van art. 107 projecten zullen worden geherinvesteerd in de honorering van de  psychiaters werkzaam in de mobiele teams.

- er zal een voorstel worden uitgewerkt om een oplossing te bieden voor de huisartsen en artsen-specialisten in opleiding om tijdens hun opleiding pensioenrechten op te bouwen. Het ASGB/kartel heeft altijd gesteld dat dat het beste gebeurt door het RIZIV Sociaal Statuut te verhogen tijdens de opleidingsjaren.

- voor de terugbetaling van de OCT wordt een bedrag vrijgemaakt, maar bijkomende middelen zullen nog binnen het budget oftalmologie gevonden moeten worden.

- Er wordt begonnen met de herziening van de nomenclatuur. In de methode vindt het Kartel ASGB/GBO/MoDeS belangrijke onderdelen terug uit de studie die prof. Annemans over dit onderwerp maakte in opdracht van het ASGB. Een onderzoeksgroep wordt belast met het uitwerken van voorstellen waarbij o.a. volgende doelstellingen worden nagestreefd: het wegwerken van onredelijke inkomensverschillen tussen huisartsen en specialisten en tussen de artsen- specialisten onderling; het in aanmerking nemen van de evolutie in de medische activiteit; de identificatie van het onderscheid tussen de professionele honoraria en de werkingskosten bij de belangrijkste procedures.

Het Kartel ASGB/GBO/MoDeS bedankt de heer Jo De Cock voor de diplomatieke manier waarop hij als voorzitter van de Nationale Commissie Artsen Ziekenfondsen een voor alle partijen aanvaardbaar tarievenakkoord tot stand heeft weten te brengen.

Verdere details volgen de komende dagen.

Met collegiale groeten, het ASGB-bestuur

 

2026.033

OPINIE: Wat het DGEC-rapport over 2025 ons (en hopelijk ook de minister) leert

 

Vooreerst zien we in de tabel op blz. 9 (zie pdf als bijlage bij dit bericht) dat er 46 controle-onderzoeken tegen artsen werden afgerond in 2025. Of die 46 onderzoeken ook 46 afzonderlijke individu’s betroffen, weten we niet, er zouden tegen één en dezelfde arts meerdere dossiers geweest kunnen zijn, maar dat laten we in het midden.

2026.032

Terugbetaling hadrontherapie met twee jaar verlengd (tot 30 april 2028)

 

De terugbetaling van behandelingen uitgevoerd in een gespecialiseerd centrum voor hadrontherapie, gebeurt via een specifieke procedure uit artikel 56 van de GVU-wet.

Het KB dat deze procedure concretiseert, loopt af op 30 april 2026. 

Via een nieuw KB, gepubliceerd op 17 maart 2026, wordt de terugbetaling verlengd met nog eens twee jaar, tot 30 april 2028.

Hierna (klik op lees meer) vindt u de integrale tekst van het op 17 maart 2026 gepubliceerde KB. Als bijlage bij dit bericht vindt u de onderliggende nota van het Verzekeringscomité.

2026.031

Antibiotica-indicatoren: eerste (collectief) ‘rapport’ beschikbaar

 

In november 2023 werden drie zgn. indicatoren inzake het voorschrijven van antibiotica ingevoerd, zie ook ons bericht van toen, https://asgb.be/node/28723. De bedoeling was en is uiteraard dat er minder zou voorgeschreven worden.

Een jaar later is de eerste impact van deze indicatoren geanalyseerd en ook gepubliceerd. En wat blijkt? Deze eerste resultaten zijn een stap in de goede richting, aldus het RIZIV.