Feedback over het onderhoud met het kabinet van 3 september: nog werk aan de ‘kaderwinkel’
Op 2 september jl. hebben we u al gemeld dat we nog verschillende knelpunten zagen in de laatste versie van de Kaderwet. Zie https://asgb.be/bericht/hoe-zit-het-nog-met-de-kaderwet-nu-de-vakantie-gedaan.
Die hebben we in een onderhoud op het kabinet (waarop ook de ziekenfondsen en het RIZIV aanwezig waren) ook effectief op tafel gegooid.
Over sommige punten is er goed gedebatteerd, over andere werd de deur onmiddellijk dicht gegooid. Hierna, klik op ‘lees meer’, gaan we er dieper op in.
Ereloonsupplementen
De maximumpercentages van 25% (ambulant) en 125% (gehospitaliseerd) zijn geschrapt uit het wetsontwerp, dankzij syndicale en politieke druk, maar ook vooral dankzij het protest van de basis. Het belang hiervan valt volgens ons moeilijk te overschatten, gezien de minister dit tot het allerlaatste moment in de Kaderwet wilde houden. We krijgen nu tot eind 2027 om vanuit de Medicomut een voorstel voor maximumpercentages op tafel te leggen, gebaseerd op objectieve data. Het zal aan ons zijn – artsen en ook ziekenhuizen – om die data te leveren.
Er werd op het overleg deze week gezegd dat de politieke vork tussen 25% (minimaal) en 175% (maximaal) ligt. Dit staat wat ons betreft uiteraard ter discussie, en we zullen er alles aan doen dat er finaal geen arbitraire percentages komen, maar een transparant systeem dat innovatie en ondernemerschap in de zorg blijft toelaten.
Opschorting van het RIZIV-nummer
Dankzij het aandringen van het Kartel (én van BVAS) is de tekst als dusdanig geëvolueerd dat het niet meer de leidend ambtenaar van het RIZIV is die de opschorting kan uitspreken maar wél de Kamer van Eerste aanleg en de Kamer van Beroep.
De tekst vermeldt echter nog altijd niet dat de opschorting enkel gevorderd kan worden in geval van recidive en meer bepaald het niet-betalen van een (eerdere) administratieve geldboete. Nochtans zijn dát de gevallen waarvoor de DGEC altijd beweerd heeft dat een alternatieve sanctie (exclusief) nodig was.
Dus vinden wij dat de tekst ook op die manier geformuleerd moet zijn. Er is ons beloofd dat dit op een vergadering met de respectievelijke juristen nader bekeken zal worden.
Koppelen van de praktijkpremie aan conventioneren
De bedoeling van de minister is om conventioneren aantrekkelijker te maken. Op zich zijn wij daar niet tegen maar het logische instrument daarvoor zou zijn om het RIZIV-sociaal statuut te verhogen. We betreuren dus dat men een andere weg kiest, met name het exclusief voorbehouden van bepaalde RIZIV-premies voor geconventioneerden.
Gelukkig hebben we vanuit de zorgverleners wel al bekomen dat deze koppeling niet mag gelden voor premies die kwaliteit van de zorgverlening belonen. In dat opzicht dient volgens ons dus ook de geïntegreerde praktijkpremie voor huisartsen buiten de koppeling te vallen. Niet zo voor de ziekenfondsen natuurlijk maar zelfs niet alle syndicaten zitten op deze lijn … De minister heeft de bal doorgespeeld naar de Medicomut, hopelijk krijgen we daar wél iedereen mee.
Opleggen van maximumtarieven door de Koning
Voor de hypothese dat er geen nieuw akkoord zou komen, voorziet de tekst momenteel in een automatisme waarbij er maximumtarieven opgelegd worden door de Koning, ook aan wie normaal gezien deconventioneert.
Wij vinden dat dit automatisme verder gaat dan de mogelijkheid om maximumtarieven op te leggen waarin de huidige wet voorziet. Het kabinet meent dat we spijkers op laag water zoeken. Het leek woensdag jl. dus dat we soms naast mekaar door aan het praten waren. Hopelijk kan dit op de vergadering met de wederzijdse juristen uitgeklaard worden.
Het bepalen van het budget (voor een akkoord)
Het proces om de RIZIV-begroting te bepalen wordt in de Kaderwet helemaal hertekend. Zonder u lastig te vallen met allerhande details komt het erop neer dat alle macht enerzijds naar een zogenaamde Commissie voor gezondheidsdoelstellingen gaat … en anderzijds naar de Ministerraad (en minister Vandenbroucke in het bijzonder) in de vorm van een zgn. opdrachtbrief.
Aan dit item kan en mag blijkbaar niet geraakt worden, want ondanks het verzet van het ganse Verzekeringscomité (dat wil zeggen, alle zorgverleners én alle ziekenfondsen samen), is er nog geen letter aan veranderd t.o.v. de eerste versie. Het kabinet beweert dat het vooral de regeringspartners zijn die weigeren om hieraan te wijzigen.
Dat laatste zal wel zo zijn wat betreft het bepalen van de omvang van het budget maar wij betwijfelen of die partijen wakker liggen van de vraag hoe dit budget vervolgens inhoudelijk gebruikt wordt (eens de omvang vastligt).
We roepen onze partners in het Verzekeringscomité dus op om mee te blijven aandringen om de huidige tekst over het begrotingsproces te herzien. Wij huiveren immers voor de gedachte dat er na het uitvoeren van de zgn. transversale projecten (vaak eerder prestigeprojecten) nog amper centen overblijven om tot een deftig akkoord te komen.
Het vervolg
Het Kartel zal blijven hameren op de hier vermelde punten. Er mag dan al een globaal akkoord zijn binnen de regering over de Kaderwet, mogelijk zijn er toch nog openingen.
Als bijlage bij dit bericht vindt u de brief terug die wij de dag na het onderhoud van 3 september naar het kabinet hebben gestuurd. Deze brief vat onze knelpunten samen die we ter zitting hebben aangekaart. Het Kartel staat immers voor een open en transparant beleid naar zijn leden toe.
Reacties
Ik wil jullie erg bedanken voor de ernst en oplettendheid tijdens deze onderhandelingsrondes en de
alternatieve Kartelvoorstellen.
Reactie toevoegen