RIZIV-sociaal statuut 2020: even checken in MyRiziv

ASGB-BERICHT 2021.135
Icoon thema financiering

Begin 2021 hebben we u al gemeld dat geconventioneerde artsen hun Riziv-sociaal statuut niet langer op papier dienen aan te vragen. De stortingsprocedure verloopt nu, lees: sinds premiejaar 2020, immers digitaal en automatisch. Zie ons ASGB-bericht van 6 januari 2021, https://www.asgb.be/node/17085.

In de maand juli werd in de digitale betaalmodule van MyRiziv het bedrag opgeladen waarop u volgens het Riziv recht heeft. Pro memorie: het bedrag van 2020 voor volledig geconventioneerden bedraagt € 5.037,70, terwijl dat voor partieel geconventioneerden € 2.376,40 bedraagt. Naargelang welke houding u aangenomen heeft t.a.v. het akkoord van 2020, zou dus het eerste of het tweede bedrag vermeld moeten zijn voor u.

In bepaalde gevallen is het echter mogelijk dat er € 0 wordt vermeld, omdat het RIZIV toch nog een manuele tussenkomst van u verwacht die moet aantonen dat u aan de toekenningsvoorwaarden voldoet.

Dat is bv. het geval voor forfaitair werkende huisartsen die actief zijn in een zelfstandig statuut. Zij moeten zelf het bewijs aanleveren dat ze aan de door de wet vereiste activiteitsdrempel voldoen. Dit bewijs kan bestaan uit een verklaring van de verantwoordelijke van het medisch huis over het activiteitsvolume van de betrokken arts voor 2020. Deze verklaring moet u in de betaalmodule opladen vóór 31 augustus a.s.

Dat is bv. ook het geval voor artsen die geen Riziv-prestaties doen maar prestaties die gelijkaardig zijn aan RIZIV-prestaties en geassimileerd kunnen worden. Zij moeten hun assimilatiedocumenten opladen in de betaalmodule vóór 31 augustus a.s.

Aan alle (in 2020) partieel en volledig geconventioneerde artsen kunnen we echter de raad geven om de betaalmodule te raadplegen en te controleren of het correcte bedrag vermeld wordt. Zo is het bv. niet uitgesloten dat uw verzekeraar of pensioeninstelling uw contract nog niet in het systeem heeft opgeladen … en dan staat er dus ook nog € 0 voor u. In dat geval dient de verzekeraar of pensioeninstelling het betrokken contract ook op te laden vóór 31 augustus a.s.

2026.048

Nieuwe vergoedingsregels bij radiofrequente ablatie van schildklierpathologie

 

Op 4 mei 2026 werd een Ministerieel Besluit gepubliceerd i.v.m. de tegemoetkoming voor invasieve hulpmiddelen bij radiofrequente ablatie van schildklierpathologie.

Het besluit bevat criteria die gelden voor de verplegingsinrichting, voor de patiënt en voor het hulpmiddel zelf.

Daarnaast bevat het regels over de attestering en de aanvraagprocedure.

Het besluit is in voege getreden op 1 april 2026. 

In de pdf als bijlage bij dit bericht vindt u de tekst ervan. 

2026.047

Nieuwe nomenclatuur i.v.m. spirometrie en ergospirometrie vanaf 1 juni 2026

 

Op 30 april 2026 werd een KB met besparingsmaatregelen i.v.m. spirometrie en ergospirometrie gepubliceerd.

Aanleiding was de vaststelling door de DGEC van een reeks niet-conforme aanrekeningen en cumuls (waarover ook heel wat discussie bestond).

Het Kartel heeft de aandacht gevestigd op de onderwaardering van de ergospirometrie en vroeg daarvoor een beperkt bijkomend budget in de behoeftenfiches voor 2026 (zie wordfile als bijlage bij dit bericht). 

We werden daarin echter niet gevolgd door de andere partners.

 

2026.046

Gewijzigde toepassingsregel in de klinische biologie vanaf 1 juni 2026

 

Op 30 april 2026 werd een KB gepubliceerd over een gewijzigde toepassingsregel in de nomenclatuur klinische biologie die in voege zal treden op 1 juni 2026.

Het gaat om de schrapping van de verstrekking 552016-552020 uit het cumulverbod van de verstrekking 557314-557325.

  • * 552016 552020 Opzoeken van infectieuze agentia met een immunologische techniek
  • * 557314 557325 Opsporen van minstens het SARS-CoV-2 virus door middel van een techniek van moleculaire amplificatie