Vergoedingen voor euthanasie: wet diverse bepalingen legt eerste stenen

2022.076

Op 30 mei 2022 is een uitgebreide Wet (van 18 mei 2022) inzake diverse gezondheidsbepalingen in het Staatsblad gepubliceerd. Daarin staan ook twee bepalingen die van belang zijn voor artsen die euthanasie toepassen: enerzijds voor het uitvoeren van de euthanasie en anderzijds voor het verstrekken van een advies inzake euthanasie.

Het is de verdienste van Dr. Reinier Hueting, ex-voorzitter van het Kartel, dat voor deze zaken nu -eindelijk na zovele jaren ervoor geijverd te hebben – de basis gelegd is.

De vergoeding voor het uitvoeren van de euthanasie wordt door art. 148 van de Wet diverse bepalingen ingeschreven in de euthanasiewet. Qua tarief wordt er gedacht aan € 75 (voor een huisarts te combineren met een huisbezoek en eventueel het avondtarief). Dat tarief evenals de toepassingsvoorwaarden moeten nog bij KB bepaald worden.

Daarnaast stelt art. 79 van de Wet diverse bepalingen dat het medisch advies n.a.v. een verzoek om euthanasie als een ‘volwaardige’ geneeskundige verstrekking (onder art. 34 van de Wet op de ziekteverzekering) vergoed zal kunnen worden. Ook dit moet nog verder uitgevoerd worden maar het zal wel een hele vooruitgang betekenen t.o.v. de momenteel gangbare werkwijze, waarbij de vergoeding van 168,75 betaald wordt via een individuele overeenkomst met het Consortium LEIF-EOL. Deze regeling had tot nu toe nog altijd een ‘experimenteel karakter’ en het Consortium LEIF-EOL moet werken met een gesloten budget, waardoor de uitbetalingen vaak vertraging oplopen.

Hieronder vindt u de integrale tekst van de twee bepalingen uit de Wet diverse gezondheidsbepalingen.

Art. 148. In de wet van 28 mei 2002 betreffende de euthanasie wordt een hoofdstuk V/1 ingevoegd met als opschrift "Hoofdstuk V/1. Financiële bepalingen" dat de als volgt luidende artikelen 13/1 en 13/2 bevat:

"Art. 13/1. De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, voorzien in een vergoeding voor de arts die de euthanasie toepast.

De Koning kan, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, het bedrag, de voorwaarden en de modaliteiten van deze vergoeding bepalen evenals de regels voor de betaling van deze vergoeding.

Art. 13/2. De kosten voor de vergoedingen worden aangerekend op de globale jaarlijkse begrotingsdoelstelling van de verzekering voor geneeskundige verzorging van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering."

 

Art. 79. Artikel 34, eerste lid, van dezelfde wet wordt aangevuld met de bepalingen onder 31°, luidende:

"31° het verstrekken van medisch advies naar aanleiding van een individueel verzoek voor een zelfgekozen levenseinde."

Reacties

heb ik nog recht op een bepaalde uitkering of ondersteuning?

peggy

Reactie toevoegen

Platte tekst

  • Geen HTML toegestaan.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
CAPTCHA
asgb omgekeerd
Deze vraag is om te controleren dat u een mens bent, om geautomatiseerde invoer (spam) te voorkomen.
2026.056

Update van de holternomenclatuur

 

Op 28 mei 2026 zijn twee KB’s en een interpretatieregel gepubliceerd om de holternomenclatuur te herwerken, gezien die niet meer aansloot bij de medische realiteit.

Er worden daarbij nomenclatuurnummers (en interpretatiegels) geschrapt of opgesplitst en nieuwe ingevoerd.

De nieuwe nomenclatuur zal de keuze aan de cardioloog laten welk type elektrocardiografische registratie het meest aangewezen is voor de patiënt in functie van de klinische situatie.

2026.055

Stagemeester van ASO? KB over vergoeding voor 2025 gepubliceerd

 

Op 27 mei 2026 werd het KB over de vergoeding voor referentiejaar 2025 ten voordele van de stagemeesters van artsen specialisten in opleiding gepubliceerd.

Met dit KB wordt het bedrag voor 2025 geofficialiseerd op € 709,72 per (volledige) kalendermaand.

De procedure om deze vergoeding te bekomen verloopt in principe automatisch (via ProGezondheid), u hoeft dus geen uitdrukkelijke aanvraag te doen.

2026.054

Indexmassa van alle medische honoraria voortaan gelijk behandeld

 

Op 27 mei 2026 werd een KB gepubliceerd dat de Medicomut of NCAZ bevoegd maakt voor de toekenning van de index van alle medische honoraria.

Het is al langer de taak van de NCAZ (nationale commissie artsen - ziekenfondsen) om via het akkoordensysteem te beslissen over de aanwending van de indexmassa voor de nomenclatuurverstrekkingen, lineair of selectief.